Stimulansz top bar
Kennis & advies over werk en inkomen, welzijn en gezondheid
Onderdelen
U bent hier: Home / Blogs

Blogoverzicht


In artikel 2a Boetebesluit socialezekerheidswetten staat sinds 1 januari 2017 als criterium voor het aannemen van opzet: ‘het verzwijgen van de gezinssamenstelling, de inkomsten van de gezinsleden of het bezit van vermogen of goederen van waarde.’ Strookt dit met de opvatting van de Centrale Raad over ‘opzet’ in de Fraudewet?


In de jaren 90 van de vorige eeuw kreeg het ministerie van SZW geen goedkeurende verklaring vanwege grote onvolkomenheden in de uitvoering van de Algemene bijstandswet door gemeenten. De accountant, de Algemene Rekenkamer, een Onderzoekscommissie van SZW (Commissie Van der Zwan) en een Subcommissie bijstand van de Tweede Kamer (Doelman-Pel) vielen over de minister heen. Het oplossend antwoord varieerde van haal de bijstandswet weg bij de gemeenten tot decentraliseer en kies voor een andere verantwoordelijkheidsverdeling. De uitkomst kent u.


Toen de AWBZ veranderde en de termen ‘gezinsvervangend tehuis’ en ‘bejaardenhuis’ werden afgeschaft, ontstond er een ‘probleem’ in de afstemming tussen de AWBZ en de WVG. Het toekennen van een rolstoel  uit de WVG  aan mensen in instellingen werd afhankelijk van de AWBZ-regelgeving. En daarop heeft een gemeente geen invloed. Ook in AWBZ kringen bleek men het niet allemaal duidelijk te zijn. Onder de Wmo bleef dit probleem in volle omvang bestaan. Spanningen in het huwelijk!


Op 8 februari hebben wij het casusboekje ‘Mogelijk maken wat nodig is met de omgekeerde toets’ uitgereikt aan staatssecretaris Klijnsma. Geweldig natuurlijk dat de staatssecretaris enthousiast is over onze onorthodoxe manier van kijken naar wet- en regelgeving! Maar is dit nu een eufemisme voor ‘u vraagt, wij draaien’? Zeker niet! Soms kan het doel van de wet juist gehaald worden door geen bijstand toe te kennen.


Per 1 april 2016 is de wet vrijlating lijfrenteopbouw in werking. Deze wet wijzigt onder meer de Participatiewet. Wie de nieuwe regeling goed weet uit te nutten kan een groot vermogen vrijspelen, dat kan oplopen tot € 250.000 (bij een gezin het dubbelen).


In maart gaan we naar de stembus om een nieuwe Tweede Kamer te kiezen. Vermoedelijk zal ergens in het najaar een nieuw kabinet het levenslicht zien. Waarschijnlijk te laat om in 2018 al met verregaande maatregelen te komen, maar de kans is groot dat in lijn met eerdere kabinetten ook de nieuwe ploeg een stempel wil drukken op de sociale zekerheid.


Ik las begin 2017 dat de grootste uitdaging voor gemeenten dit jaar is om ‘midden in de samenleving’ te staan. Daarmee kan 2017 wel eens ‘het jaar van de zelfverzekerde gemeente’ worden. Dan zou 2017 ook wel eens een goed jaar kunnen zijn voor cliëntenparticipatie!


In artikel 44 lid 1 Participatiewet (PW) is bepaald dat de bijstand wordt toegekend vanaf de dag van melding, tenzij op die dag nog geen recht op bijstand bestaat. Het  2e lid bepaalt dat van een melding sprake is  als de naam, adres en woonplaats van de betrokkene zijn geregistreerd en deze in staat is gesteld een aanvraag in te dienen bij het UWV. Het indienen van een aanvraag begint dus altijd met een melding.


Is het u ook opgevallen dat het mensbeeld dat aan de verschillende wetten die wij binnen het sociaal domein uitvoeren ten grondslag ligt, heel sterk van elkaar verschilt? Dat is terug te lezen in de totstandkoming van de wetten en in de uitspraken van politici, te horen op de borrelpraat op verjaardagsfeestjes en ook terug te zien in de culturen op de verschillende afdelingen.


De Centrale Raad van Beroep (CRvB) heeft recent een belangrijke uitspraak gedaan. Als een dochter bij haar moeder wil schoonmaken, maar alleen tegen betaling, dan moet de moeder daarvoor een persoonsgebonden budget (pgb) kunnen krijgen. Dit is een vergaande uitspraak. En je kunt je afvragen waar het eindigt.


Bij het opleggen van een bestuurlijke boete moet de mate van verwijtbaarheid worden beoordeeld. En dat is behoorlijk lastig! Dit zijn begrippen uit het strafrecht, die we nu in het bestuursrecht moeten toepassen. Daar moeten we nog de nodige ervaring mee opdoen. Om u te helpen geven we hier een overzicht van 7 voorbeelden waarin grove schuld volgens de Centrale Raad van Beroep  (CRvB) is aangetoond.


Een betalingsachterstand kan leiden tot incassokosten. Voor mensen met problematische schulden maken de incassokosten de schuldenlast alleen maar groter. Door de beperkte afloscapaciteit brengen de incassokosten een betaling van de schuld niet dichterbij.


Het was goed geregeld. Na jarenlange problemen over de vraag wie een rolstoel zou moeten verstrekken - de AWBZ of de Wmo - is in de Wmo 2015 een simpele regel opgenomen: als iemand recht heeft op de Wlz, als iemand een indicatie heeft of deze met grote waarschijnlijkheid zou kunnen krijgen en geen aanvraag wil indienen, hoeft de gemeente op basis van de Wmo 2015 geen voorziening te verstrekken. Een strakke lijn: je valt onder de Wmo 2015 of onder de Wlz. Een beetje Wmo 2015 en een beetje Wlz zit er niet meer in.


In mijn blog van november 2016 beschreef ik een aantal voorbeelden van het vaststellen van de meldingsplicht voor inkomsten. Deze is lang niet altijd eenvoudig vast te stellen, zodat goede voorlichting door de gemeenten noodzakelijk is. Dit deed een van de lezers van mijn blog verzuchten “dat invoering van een basisinkomen dit soort werkverschaffing naar de schroothoop zou verwijzen”. Dat zette mij aan het denken.


In de Volkskrant van 5 januari 2017 staat dat de overheid de komende tijd een deel van de ‘spookjongeren’ gaat helpen bij het halen van een diploma of het vinden van een baan. Deze jongeren zijn niet in beeld bij de autoriteiten, omdat ze geen onderwijs volgen, geen startkwalificatie, werk of uitkering hebben en niet staan ingeschreven als werkzoekende op werk.nl. De angst bestaat dat zij daarom sneller in de criminaliteit belanden, schulden maken en in de toekomst afhankelijk zullen zijn van sociale zekerheid. Het kabinet roept UWV, sociale diensten, gemeenten en RMC’s daarom op om deze spookjongeren op te sporen en te ondersteunen in de richting van een opleiding of werk.