Geen aparte (WSW)- regeling meer en geen aparte werkplaatsen meer voor deze doelgroep. En ook de uitvoering zou een stuk eenvoudiger worden. Eén regeling, de Participatiewet, aan de onderkant voor iedereen met arbeidsvermogen, zodat werkgevers niet meer met meerdere instanties te maken hebben en er integraal beleid mogelijk is. 125.000 banen in ruim 10 jaar tijd erbij. Dat moet toch lukken, zeker nu de economie weer aantrekt. Waarom spreekt Aart van der Gaag, landelijk aanjager van de banenafspraak, dan toch zijn zorgen uit en zegt hij dat de schwung eruit is? De cijfers bij de eerste meting waren toch goed? En waarom bericht Trouw dat het niet goed gaat met de banenafspraak? Laten we eens wat inzoomen en kijken wat er aan de hand is.

Steeds aanpassingen nodig!

Direct na de start van de banenafspraak kwamen er al geluiden dat het niet goed ging. Gemeenten gaven aan dat hun kandidaten door het UWV niet in het doelgroepenregister werden opgenomen. Volgens landelijke criteria, in afstemming met SZW, zouden veel mensen wel zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen. Als gevolg daarvan werd een trein van aanpassingen in beweging gezet. Jongeren uit het speciaal onderwijs werden automatisch doelgroep, de regels rondom begeleiding veranderden en de herbezettingsvoorwaarde beschut werk werd afgeschaft. Forfaitaire loonkostensubsidie werd ingevoerd en ook via de praktijkroute kunnen nu mensen tot de doelgroep worden toegelaten. Zelfs mensen die al eerder aan het werk waren met loonkostensubsidie kunnen nu worden meegeteld. Al deze maatregelen hebben het effect dat de doelgroep groter wordt en daarmee ook de kans op het realiseren van 125.000 banen.

Eenvoud is weg

De praktijk blijft echter complex. Er is absoluut geen sprake van 1 regeling aan de onderkant. We kennen minstens 4 regelingen met ieder een eigen regime en verschillende voordelen voor werkgevers. Zo hebben we naast de nog steeds bestaande WSW, de Wajong waar nog veel mensen met arbeidsvermogen in zitten. Vanaf dit jaar hebben we het verplichte beschut werk voor een bredere doelgroep dan die van de Participatiewet. En dan hebben we natuurlijk de banenafspraak waarbij werkgevers het risico lopen op een boete als ze onvoldoende presteren. De gemeente past loonkostensubsidie toe, het UWV loondispensatie en werkgevers verdwalen in de bureaucratie. Terwijl ze soms alleen maar op zoek zijn naar goede werknemers, een vraag die vanuit de publieke sector helaas nog al te vaak niet goed wordt ingevuld.

De werkgever aarzelt

Minder dan 10% van de werkgevers doet op dit moment mee aan de banenafspraak. Veel werkgevers aarzelen over de risico’s. De no-riskpolis is belangrijk, maar bepaalt niet of iemand past bij een bedrijf of organisatie. Van het aantal gerealiseerde banen is bijna de helft op basis van een uitzend- of detacheringsconstructie. Per kwartaal verliezen ongeveer weer 4.000 mensen uit de doelgroep hun baan, zodat het aantal banen momenteel niet meer groeit. Volgens het UWV is het aantal banen in de eerste drie kwartalen van 2016 zelfs met ruim 1.000 verminderd. En bij de overheid zelf is het aantal reguliere banen vanaf het begin met ongeveer 1.000 afgenomen.

Op de schop of doormodderen?

Gesleutel aan de regelgeving is niet de therapie die werkt om de banenafspraak van de intensive care af te krijgen. De sleutel van succes ligt in handen van werkgevers. Natuurlijk willen werkgevers zelf bepalen wie er in hun organisatie komt werken. Eind 2016 hadden gemeenten echter nog geen 1.000 mensen in de etalage van de kandidaatverkenner. Zo blijven de bijstandsmensen onzichtbaar. Dan is het ook niet gek dat minder dan 10% van de banen gevuld zijn met mensen vanuit de Participatiewet. De regeling moet op de schop waarbij we de werkgevers als chirurgen moeten inhuren. Anders overlijdt de patiënt nog voordat hij volwassen is geworden.

Zoekt u de laatste kennis en inzichten over de banenafspraak?

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina