Geweldig natuurlijk dat de staatssecretaris enthousiast is over onze onorthodoxe manier van kijken naar wet- en regelgeving! Maar is dit nu een eufemisme voor ‘u vraagt, wij draaien’? Zeker niet! Soms kan het doel van de wet juist gehaald worden door geen bijstand toe te kennen.

De bankhangjongere

Wesley is 21 geworden en is weer bij zijn moeder in huis komen wonen. Omdat ze de woning samen delen, wordt de uitkering van zijn moeder verlaagd naar 50% van de gehuwdennorm. De achterliggende gedachte is dat Wesley kan bijdragen aan de vaste lasten. Maar Wesley is niet zo van het bijdragen, hij is meer een ‘bank-hang-jongere’. Hij betaalt niets en hij doet niets. Moeder zit met haar handen in het haar. Ze kan niet rondkomen van haar verlaagde uitkering als Wesley niet bijdraagt en baalt er van dat hij alleen maar op de bank hangt.

De psycholoog van Wesley neemt contact op met de gemeente. Ze maakt zich zorgen over Wesley en is bang dat hij in het geheel niet meer in beweging te krijgen is als hij een uitkering krijgt. Waar zou hij zich dan nog druk over maken? Werken is dan niet nodig. De bijstand dreigt een gouden kooi te worden. Ze vraagt de gemeente om Wesley géén uitkering te geven. De verwachting is dat Wesley dan toch wel in beweging komt om werk te zoeken.

Hoe lossen we dit op?

Moeder kan de vaste lasten niet betalen en Wesley komt niet meer van de bank. Op de oude werkwijze zouden moeder en Wesley beiden 50% van de gehuwdennorm krijgen. Wesley wordt strak aan de arbeidsverplichtingen gehouden en afgestemd als hij niet of niet voldoende meewerkt.

Het effect

Het effect dat we willen bereiken is dat Wesley actief wordt en naar school gaat of gaat werken. Bovendien willen we dat zijn moeder kan rondkomen van haar uitkering.

Grondwaarde

De Participatiewet wil de zelfredzaamheid bevorderen en het bestaansminimum waarborgen. Er ligt een advies van de psycholoog van Wesley waaruit blijkt dat ze juist vreest dat zijn zelfredzaamheid volledig tenietgaat als hij een uitkering krijgt. Het verstrekken van bijstand zou de grondwaarde dus juist tenietdoen voor Wesley! Voor het bestaansminimum hoeft niet zo gevreesd te worden. Zijn moeder betaalt de vaste lasten en zijn eten.

Ethische aspecten

Op de lange termijn is dit een onhoudbare situatie. Als Wesley zijn volwassenheid in de uitkering begint, dan is het veel moeilijker om daar straks weer uit te komen. Bovendien zet dit veel druk op zijn moeder en op de relatie met zijn moeder.

Randvoorwaarden

Een oplossing kan zijn om de uitkering te individualiseren. Wesley heeft weinig nodig en zijn zelfredzaamheid komt in gevaar. De uitkering kan op grond van artikel 18, eerste lid PW veel lager worden vastgesteld, bijvoorbeeld op de zak- en kleedgeldnorm. Zo kan hij voorzien in de basisbehoefte en heeft hij een goede motivatie om te gaan werken. Hij krijgt zo dus minder dan waar hij op het eerste gezicht recht op heeft. Dit is geen besluit om lichtvaardig te nemen, maar op basis van een goed onderbouwd advies van zijn behandelend psycholoog in combinatie met de grondwaarde van de Participatiewet die juíst gebaat is bij het verlagen van de uitkering is dit mijns inziens toch houdbaar. Voorwaarde is wel dat gevolgd wordt hoe het met Wesley gaat en dat hij de nodige ondersteuning krijgt om de arbeidsmarkt succesvol te betreden.

Zoekt u de laatste kennis en inzichten over de Participatiewet?

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina