Vraag

Een klant van ons was in het buitenland en heeft haar terugvlucht geannuleerd in verband met het coronavirus. Haar retourvlucht heeft zij pas later kunnen maken. Een andere klant zit nog vast in het buitenland vanwege het vliegverbod. De klant gaat de 28 dagen nu overschrijden. Hoe hiermee om te gaan? Moeten of kunnen we:

  1. de uitkering intrekken en terugvorderen (zoals voorheen);
  2. de uitkering intrekken maar afzien van terugvorderen? De inlichtingenplicht is niet geschonden, verwijtbaarheid ontbreekt. Over de teveel verbleven dagen in het buitenland wordt gewoon bijstand verstrekt; of
  3. de bijstand toch verlenen op grond van artikel 16 PW en afzien van intrekken/terugvorderen (er is sprake van zeer dringende redenen door een acute noodsituatie). In de jurisprudentie wordt dit uitgelegd als een situatie die van levensbedreigende aard is of blijvend ernstig lichamelijk of psychisch letsel of invaliditeit tot gevolg kan hebben.

Antwoord

Voor de 1e vraag geldt dat deze vanuit juridisch oogpunt te algemeen is gesteld: individualisering is maatwerk en geeft dus geen ‘altijd geldend antwoord’. Alle omstandigheden tellen.
Als werd afgereisd toen risico’s van ‘het niet krijgen van een terugreis’ al speelden, dan ligt het gebeuren volledig in de risicosfeer van de klant, dus optie 1. Was daar geen sprake van, dan kan keuze 2 aanvaardbaar zijn. Maar de gemeente is daartoe niet verplicht. Keuze 3 is zeer waarschijnlijk niet aan de orde. Immers, levensbedreigend is de situatie niet (zie bijvoorbeeld ECLI:NL:CRVB:2019:3937). Maar de gemeente heeft wel de vrijheid om het begrip ‘dringende redenen’ een eigen invulling te geven.
Ook andere omstandigheden kunnen worden afgewogen, zoals de snelheid waarmee naar een terugreisoplossing is gezocht, de duur van het totale verblijf, was men al te lang weg, enzovoort.

Op dit moment kan ook een buiten de wet gelegen pragmatische afweging een rol spelen om de organisatie niet te veel te belasten (veel administratief werk voor enkele dagen uitkering). Want dat de druk op de werkprocessen door de coronacrisis hoog zal worden is wel duidelijk.

Wat betreft de 2e vraag over de klant die nog vastzit in het buitenland: Gemeenten zijn niet bevoegd tot bijstandsverlening aan personen in het buitenland. Het is aan het Rijk om hierin te voorzien en aan SZW om helderheid of zelf een oplossing te bieden. Het is niet handig om als niet-bevoegd orgaan zelf naar een oplossing te zoeken. Dan wordt een gecoördineerde overheidsactie wel heel complex.

Juridisch team Stimulansz

Disclaimer: Deze vraag is recent gesteld aan de Helpdesk Inzicht Sociaal Domein van Stimulansz.
Het antwoord is gegeven met de kennis en inzichten van 24 maart 2020. Met de huidige, snelle ontwikkelingen kan Stimulansz niet garanderen dat dit antwoord op een latere datum nog volledig juist is. We passen het antwoord aan als dat nodig is.
Voor meer actuele informatie rond corona en het sociaal domein verwijzen we u naar
Inzicht Sociaal Domein.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina