Dagelijks breng ik mijn plastic en oud papier weg en gooi mijn vuilnis zelf in de ondergrondse container. In het hofje waar ik woon onderhouden we de gemeentelijke heggen, de boom, de rozen en halen het onkruid weg. Als vrijwilliger zit ik in het bestuur van twee organisaties, dagelijks mantelzorgen hoeft (gelukkig) nog niet. Ik doe dus mijn best, en met plezier. En velen met mij. Ons land scoort hoog qua aantal vrijwilligers, maar toch zijn er altijd te weinig. Je kunt immers makkelijk je hele dag vullen met nuttig zijn voor de samenleving.

Ik ben opgegroeid met het idee dat je voor vrijwilligerswerk niks terugkrijgt behalve een goed gevoel en misschien later een plaatsje in de hemel. Maar vijftig jaar verder geldt voor velen: alleen voor een plaats in de hemel doen we het niet meer. Want we streven naar een participatiemaatschappij, maar ondertussen is het uitgangspunt ‘voor wat hoort wat’ stevig verankerd geraakt in onze samenleving. Tegelijk blijft iets extra’s bijdragen aan de samenleving hard nodig. Ik vind het niet raar om daar iets voor terug te krijgen. In Groot-Brittannië hebben ze een alleraardigst systeem bedacht voor die zogenaamde community services. Je kunt er time credits mee verdienen. Voor elke vier uur die je voor de community werkt krijg je zo’n credit. Als je er genoeg hebt, kun je ze inzetten voor een uitje, korting of een opleiding. Overheden, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven hebben daarvoor een mooi aanbod ontwikkeld.

Kunnen we in Nederland tot iets vergelijkbaars komen? Een Nederlandse variant op de time credits: burgerpunten. Waarmee je de mogelijkheid krijgt je te ontwikkelen of iets leuks voor jezelf te doen. Laten we het eens proberen.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina