Moet iedere gemeente een handhavingsplan hebben?

Ik illustreer mijn antwoord met twee nieuwsberichten van de afgelopen weken. Allereerst het bericht dat criminele cliënten van ING jarenlang ongestoord gebruik konden maken van de rekeningen van de bank. Het aantal alarmbelletjes was beperkt tot drie per dag. ‘Draai aan parameters om de (over)vloed van alerts af te toppen en zo de werkdruk te beperken’, was de interne boodschap. En dan het bericht van frauderende Polen: Poolse arbeidsmigranten die via tussenpersonen net doen alsof ze in Nederland verblijven, met als doel een WW-uitkering te krijgen. In werkelijkheid vertrekken ze naar Polen om daar vakantie te vieren of zwart te werken. Ze noemen deze WW-periode zelf de ‘grote vakantie’.

Dit komt voor bij ING en UWV, maar niet bij gemeenten, toch?

Gemeenten kennen hun cliënten en zien toe op de naleving van verplichtingen. Maar hoe bestaat het dan dat er op bepaalde adressen tussen de 25 en 60 personen staan ingeschreven? Waar is de gemeente dan met het handhaven? Hoe staat jouw gemeente ervoor als het gaat om het toezicht op de naleving van wet- en regelgeving? Eerlijk gezegd denk ik dat dit soort dingen ook bij gemeenten kunnen gebeuren. Daarom adviseer ik hun sterk om een handhavingsplan op te stellen. Zo’n plan moet een visie op de handhaving bevatten. Neem er ook preventieve maatregelen in op, zoals fraudescorekaarten bij ‘de poort’. Beschrijf waar of bij welke specifieke groepen de risico’s op fraude aanwezig zijn en wat daaraan te doen is. Denk daarbij aan het werken met risicoprofielen: welke risicofactoren zijn aanwezig bij bepaalde groepen?

Hoe kan ik deze praktijken voorkomen?

Deze vraag is lastig te beantwoorden. Bij ING en UWV zullen ze ongetwijfeld ook een risicoanalyse hebben gemaakt. Zij zijn overvallen door deze gebeurtenissen, met negatieve publiciteit en imagoschade tot gevolg. Zorg als gemeente in ieder geval dat je een visie hebt op handhaving, dat je werkt met risicoprofielen en dat de medewerkers in de uitvoering ‘fraudealert’ zijn. Verricht ook periodieke heronderzoeken, waarbij cliënten worden gezien en gesproken. Met name dat laatste is een punt van aandacht. Persoonlijk en frequent contact is van groot belang. Dat blijkt ook uit het onderzoek naar de effecten van klantcontacten in de Participatiewet van bestuurskundige Menno Fenger van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Voorkomen is beter dan genezen. Je handhavingsbeleid is wellicht toe aan een update.

 

Dit artikel heeft ook in de Sprank* gestaan van oktober 2018.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina