Vraag

Door een beschermingsbewindvoerder is namens zijn cliënt bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van bewindvoering. Deze aanvraag is (gedeeltelijk) afgewezen. De bewindvoerder maakt tegen deze afwijzing bezwaar. Hij vermeldt in zijn bezwaarschrift dat hij als bewindvoerder zijn cliënt in en buiten rechte vertegenwoordigt. Hij verzoekt in zijn bezwaarschrift tevens om een proceskostenvergoeding. Het bezwaar wordt gegrond verklaard. Heeft de bewindvoerder nu recht op een proceskostenvergoeding?

Wilt u meer inzicht in bezwaar en beroep?

Raadpleeg Inzicht sociaal domein. Heeft u nog geen toegang? Vraag een gratis proefabonnement aan.

Antwoord

Wie komt in aanmerking voor een proceskostenvergoeding?

Op grond van artikel 7:15 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 1 van het Besluit proceskosten bestuursrecht kan een vergoeding van de kosten voor een bezwaarprocedure alleen betrekking hebben op de kosten van een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Volgens vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep is sprake van een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand ‘als het verlenen van rechtsbijstand voor de rechtsbijstandverlener een vast onderdeel vormt van een duurzame, op het vergaren van inkomen gerichte taakuitoefening’ (ECLI:NL:CRVB:2013:BZ6213). Uit de wet of uit de rechtspraak blijkt niet dat beroepsmatig verrichte rechtsbijstand alleen door juristen of anderen met een juridische opleiding kan worden verleend. Een vereiste is wel dat rechtsbijstand verlenen niet incidenteel is, maar een vast onderdeel van de werkzaamheden waarmee het inkomen wordt verdiend. Zo kan een (juridisch) adviseur die bij de Kamer van Koophandel staat ingeschreven met een eenmanszaak in “Advisering van particulieren over het vaststellen van de WOZ-waarde van woonruimten” en die mensen ondersteunt in bezwaar- en beroepsprocedures betreffende de WOZ-waarde van hun huis, wel worden aangemerkt als een derde die beroepsmatig rechtsbijstand verleent. Maar van het (eenmalig) maken van bezwaar tegen de afwijzing van bijzondere bijstand voor de kosten van beschermingsbewind, kan niet worden gezegd dat dit een vast onderdeel vormt van de taakuitoefening van de bewindvoerder. Dit betekent dat de bewindvoerder die bezwaar maakt voor zijn cliënt niet in aanmerking komt voor een proceskostenvergoeding.

Krijgt een beschermingsbewindvoerder dan helemaal niks voor het voeren van een bezwaarprocedure?

Voor de werkzaamheden die hij uitvoert voor een onder bewind gestelde persoon (cliënt) ontvangt de bewindvoerder een beloning. Bij de benoeming van de bewindvoerder stelt de kantonrechter de beloning vast. De cliënt moet deze beloning aan de bewindvoerder betalen. Hiervoor kan bijzondere bijstand worden verstrekt door de gemeente. De tarieven voor de werkzaamheden van professionele bewindvoerders zijn vastgelegd in de ‘Regeling curatoren, beschermingsbewindvoerders en mentoren’. Deze beloning is forfaitair. Dit betekent dat de bewindvoerder voor de werkzaamheden die hij verricht voor zijn cliënt, waaronder ook het indienen van bezwaar, een vast bedrag per jaar ontvangt. De bewindvoerder ontvangt dus wel degelijk een beloning voor de verrichte werkzaamheden.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina