Bij binnenkomst trekt u een nummertje en aan de balie vraagt een medewerker u of u kleding of huishoudelijke apparaten komt kopen. Na het invullen van het juiste formulier waarop u uw adresgegevens, het bedrag dat u wilt besteden en uw maat invult, wordt u weer naar huis gestuurd met de mededeling: ‘u hoort nog van ons’. Acht weken later ontvangt u een pakket per post, met het warenhuis als afzender. In het pakket zit een galajurk en een paar pumps. Moet u daarin gaan hardlopen?

Hardlopen in een galajurk…

We trekken de vergelijking van het warenhuis en de gemeente nog even door. U heeft een galajurk ontvangen, terwijl u een hardloopbroek nodig heeft. Daar heeft u niets aan! Na een dappere poging om toch hard te lopen in een lange jurk en schoenen met hoge hakken heeft u uw enkel lelijk verzwikt. Dit gaat echt niet werken. U gaat in bezwaar en tijdens de hoorzitting beargumenteert u dat u wil gaan hardlopen en dat een galajurk daar niet geschikt voor is. Door die kleding heeft u zichzelf bezeerd, u wilt de kleding ruilen. Zes weken later krijgt u bericht dat uw bezwaar is afgewezen. Het warenhuis heeft geleverd wat u heeft gevraagd, namelijk kleding. Daarmee is de kous af.

…of toch liever in een hardloopbroek?

Bij veel mensen die bijstand aanvragen wordt, net als bij dit warenhuis, door de gemeente bepaald welk effect ze willen bereiken. Er wordt voor ze bepaald wat de beste manier is om uit de bijstand te komen, welke baan geschikt voor ze is en welke re-integratie-instrumenten daarvoor worden ingezet. Dat levert geen intrinsieke motivatie op om uit te stromen, hoogstens een angst voor sancties die maakt dat mensen toch hun best doen. Als de sancties maar hoog genoeg zijn, dan gaat u toch maar hardlopen in die galajurk.

Hoe zou dat anders kunnen? Stel nu dat het veel gebruikte begrip ‘eigen verantwoordelijkheid’ wordt ingevuld als:

  • zorgen dat mensen zelf bepalen wat ze willen bereiken;
  • hoe ze dat willen bereiken en;
  • welke ondersteuning ze daarvoor van de gemeente verlangen?

Professionaliteit 2.0

Dit vraagt natuurlijk wel om professionaliteit. Simpelweg de vraag neerleggen bij de burger levert nog niet direct een goed plan op. Daar zijn coachingsvaardigheden voor nodig en bovendien vraagt het om de juiste ‘taal’. En daarmee bedoel ik niet Nederlands, Engels of Chinees, maar taal die motiveert om in beweging te komen en zelf de regie te voeren. Wil iemand de bijstand uit? En zo ja, waarom dan? Dat lijkt een gekke vraag, maar geeft wel inzicht in de motivatie. De drijfveer kan financiële onafhankelijkheid zijn, zinvolle dagbesteding, of de status die aan het hebben van een baan hangt. Als professional kun je aansluiten bij iemands drijfveren en samen een plan van aanpak opstellen. Juridisch noemen we dat een besluit, omdat het formeel eenzijdig is. De gemeente legt het op. Maar leg in het plan van aanpak ook vast wat de gemeente heeft toegezegd en zorg dat ook de gemeente zich aan haar afspraken houdt.

Wie gaat dat betalen?

Het is de vraag of dit systeem op lange termijn duurder is. Als mensen echt intrinsiek gemotiveerd zijn, dan is de kans op succes groter als wanneer het is opgelegd. Met andere woorden, het kost in het begin zeker meer tijd en dus meer geld. Maar als mensen daardoor (aanzienlijk) korter een beroep hoeven te doen op bijstand, dan levert het uiteindelijk geld op. Het is ook heel reëel om mensen die bijstand aanvragen voor te houden dat ze gebruik maken van gemeenschapsgeld. Niet om ze een schuldgevoel aan te praten, maar om ze vanuit dat uitgangspunt te laten meedenken hoe ze dat geld zo nuttig mogelijk kunnen besteden.

Zou dit een mooie vorm van integraal werken zijn? Niet alleen integraliteit van wetten en hulpverleners, maar ook van professional en burger? Ik kijk er naar uit, hardlopers in sportkleding en feestgangers in galajurk. Doet u mee?

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina