In een dertiental uitspraken van 1 november 2016 gaat de Centrale Raad in op de toepassing van de kostendelersnorm waarbij sprake is van hoofdverblijf van bloedverwanten in de eerste graad.

De kostendelersnorm houdt (samengevat) in dat als een woning wordt gedeeld met meer volwassenen, de bijstandsuitkering wordt verlaagd. De reden hiervan is dat de volwassen bewoners de woonlasten kunnen delen. Als sprake is van een commerciële huur wordt de verlaging niet toegepast, maar dat geldt alleen bij zuiver zakelijke relaties. De uitzondering geldt niet voor personen die bloedverwant zijn in de eerste of tweede graad (omdat in deze verhouding geen commerciële relatie aanwezig wordt geacht). De Centrale Raad oordeelde dat hiermee geen verboden onderscheid wordt gemaakt (ECLI:NL:CRVB:2016:3877).

Ook bijstandsgerechtigden die een woning delen vanwege het ontvangen of verlenen van mantelzorg, krijgen te maken met deze verlaging van de uitkering. Als bijvoorbeeld een dochter van 30 jaar inwoont bij haar moeder van 55 jaar en tevens mantelzorger is voor haar moeder, ontvangen zij beiden op grond van de kostendelersnorm een uitkering van 50% van de gehuwdennorm terwijl zij op grond van de WWB eerst ieder 70% van de gehuwdennorm ontvingen (indien er sprake was van een aangetoonde zorgbehoefte en de verzorgde persoon anders in een instelling zou moeten verblijven).

Naar het oordeel van de Centrale Raad is er geen mogelijkheid om hiervan af te wijken, omdat het artikel van de kostendelersnorm geen uitzondering hierop kent (ECLI:NL:CRVB:2016:3871). Wel staat het haaks op het feit dat ge­meenten de eigen kracht van mensen willen stimuleren door ook het netwerk van de betrokkene bij de zorg te betrekken. Bovendien zullen de kosten voor de gemeente een stuk hoger zijn wanneer de dochter als gevolg van de verlaging besluit om zelfstandig te gaan wonen. Naast het feit dat de gemeente dan een hogere uitkering voor moeder en dochter dient te verstrekken, zal de moeder voor de benodigde zorg mogelijk een PGB aanvragen. Een gevolg van een juiste toepassing van de kostendelersnorm kan er dus toe leiden dat in de toekomst de kosten voor de gemeente juist hoger zullen zijn.

De kostendelersnorm in de AOW is uitgesteld omdat het kabinet eerst zorgvuldig onderzoek wil doen naar de invloed die de kostendelersnorm heeft op de hoeveelheid mantelzorgers. Omdat dit onderzoek nog loopt, zal de kostendelersnorm bij de AOW niet voor 1 januari 2018 worden ingevoerd. Zou het misschien beter zijn geweest als dit onderzoek ook uitgevoerd was bij de bijstandsgerechtigden met een zorgbehoefte?

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina