Samen opvoeden na scheiding

De ouders van Vincent hebben besloten om ook na de scheiding hun zoon samen op te voeden. Dit betekent dat Vincent de helft van de tijd bij zijn moeder zal wonen en de andere helft bij zijn vader. Door zijn beperking is het noodzakelijk dat beide woningen van de ouders geschikt zijn voor Vincent om in te wonen. De ouders van Vincent kloppen daarom allebei aan bij de gemeente voor hulp bij het aanpassen van hun woning.

Oplossing omgekeerde toets

  1. Het effect
    De ouders willen Vincent opvoeden in co-ouderschap. Vincent heeft een aangepaste woning nodig.
  2. De grondwaarde
    De Wmo 2015 staat voor participatie en zelfredzaamheid en vraagt van mensen om hun problemen zoveel mogelijk zelf op te lossen. Inclusie is een grondwaarde van de Wmo. En dus hebben mensen als Vincent recht op gelijke behandeling. Dit betekent dat het voor Vincent, net als voor ieder ander kind, mogelijk moet zijn om bij beide ouders te wonen. Op deze manier kan hij een zo normaal mogelijk leven leiden.
  3. De ethische toets
    Het ethische aspect is dat de woning verkocht gaat worden, waardoor de aanpassingen bijna zeker verloren gaan. De kans dat de woning gekocht wordt door iemand met een beperking is namelijk zeer klein. Daarnaast moeten er twee andere woningen aangepast worden. Dat brengt hoge kosten met zich mee.
  4. De randvoorwaarden
    In artikel 2.3.5 van de Wmo 2015 staat, vrij vertaald, dat de gemeente onderzoekt wat de opties zijn voor een passende maatwerkvoorziening. Met als doel ervoor te zorgen dat een burger zichzelf zo goed mogelijk kan redden en zo lang mogelijk in zijn eigen leefomgeving kan blijven.

De gemeente beheert gemeenschapsgeld en wil daar uiteraard zo zuinig mogelijk mee omgaan. Er moet dus gezocht worden naar een oplossing waarmee Vincent bij beide ouders kan wonen, tegen een voor de gemeente schappelijke prijs. Voor Vincent is met een ouder in de huidige woning blijven wonen de beste optie. De woning is vertrouwd en bovendien voor hem op maat aangepast. Dit is ook voor de gemeente een goede optie, want de eerdere investering gaat zo niet verloren. En er hoeft slechts één andere woning te worden aangepast. De kink in de kabel is echter dat geen van beide ouders het aanhouden van de huidige woning kan bekostigen. Het ‘ei van Columbus’ is in deze situatie dat een derde partij de aangepaste woning koopt voor een eerlijke prijs, eventueel met een gemeentelijke bijdrage. Als dit niet haalbaar is of financieel onvoordelig, dan valt de keuze op twee nieuwe aangepaste huurhuizen.

Wilt u meer grip krijgen op de Wmo 2015?

Dat kan met onze juridische kennisbank Inzicht Sociaal Domein

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina