Vraag

De ene gemeente kort naast het nettoloon ook het opgebouwde vakantierecht én de opgebouwde eindejaarsuitkering, zodat de uitbetaling van vakantiegeld en eindejaarsuitkering dan uiteindelijk vrijgelaten kan worden. Daarmee kan er in de praktijk soms wel €100,- per maand meer worden gekort op de uitkering dan dat het netto salaris was. Ik ken ook gemeenten die dit niet doen, omdat zij zeggen: je mag wettelijk niet een hoger bedrag korten dan dat er is ontvangen aan salaris. Wat is juist?

Antwoord

Als uit de inkomsten vakantietoeslag wordt opgebouwd wordt die vakantietoeslag toegerekend aan die maandelijkse inkomsten en dus bovenop die inkomsten van die maand gekort. Het vakantietoeslag wordt dus altijd mee gekort. Dat is overeenkomstig de Regeling Participatiewet IOAW, IOAZ (artikel 11). Door per maand de inkomsten inclusief vakantiegeld te korten wordt het uiteindelijke jaarlijkse vakantiegeld van die werkgever vrijgelaten. Er is namelijk iedere maand al rekening mee gehouden.

Dat geldt niet voor de eindejaarsuitkering. Daarvoor geldt dat het transactiestelsel dat inhoudt dat je je inkomsten moet toerekenen aan de juiste periode. De gemeente mag dus niet het inkomen per maand vooraf verhogen met de eindejaarsuitkering. Daarvoor bestaat geen wettelijke grondslag. Als de eindejaarsuitkering betaalbaar wordt gesteld moet deze worden teruggerekend (als uitgesteld inkomen) naar de maanden waarin die is opgebouwd en samenvalt met bijstand. Dus stel klant komt per 1 september 2019 in de bijstand en krijgt in december een eindejaarsuitkering van 2% van zijn inkomsten dan valt samen met bijstand 4 maanden van 2%. De overige opgebouwde eindejaarsuitkering wordt dan vrijgelaten omdat het uitgesteld inkomen is van voor de bijstandsverlening. Dat deel wordt hooguit als vermogen aangemerkt.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina