In dit nieuwsbericht antwoord op 2 veelgestelde vragen over de omgekeerde toets.

Binnen de Participatiewet kan de gemeente gebruik maken van artikel 16 PW. Met dat artikel kan de gemeente altijd bijstand verstrekken, ook als er geen recht is. Waarom zouden we dan nog de omgekeerde toets gebruiken?

De Participatiewet geeft voldoende mogelijkheden om maatwerk te leveren. Dat moet ook wel, want het is het laatste vangnet waar mensen aanspraak op kunnen maken om in de kosten voor levensonderhoud te voorzien. Het is niet wenselijk als maatwerk uitmondt in willekeur. Wanneer en hoe maatwerk geboden wordt, moet niet afhankelijk zijn van de klantmanager, maar van de situatie van klant en van de grondwaarden waar de gemeente voor staat. De omgekeerde toets helpt daarbij. Artikel 16 van de Participatiewet biedt overigens maar in een beperkt aantal gevallen de mogelijkheid om bijstand te geven als er eigenlijk geen recht op bestaat. Dit artikel geeft niet – zoals nog wel eens wordt gedacht – een ontsnappingsmogelijkheid voor alle lastige situaties.

Welke gevolgen heeft het werken met de omgekeerde toets voor samenwerking?

We zien in de praktijk dat samenwerking makkelijker wordt door het werken met de omgekeerde toets. Bij de implementatie besteden we veel aandacht aan het uitdiepen van de waarden en normen die onbewust een rol spelen bij het nemen van besluiten. Door beter van elkaar te begrijpen waar besluiten – bewust en onbewust – op gebaseerd zijn, ontwikkelen mensen een gezamenlijke taal. Als meerdere professionals (klantmanagers Werk en Inkomen, Wmo, Jeugd, wijkteams) betrokken zijn bij de trainingen, dan wordt samenwerking tussen deze partijen in de praktijk makkelijker. Door de gezamenlijke taal en een veel beter begrip van elkaars werk en doelen die daar worden nagestreefd.

Geïnteresseerd?

Wilt u als SJD’ er ook beter leren werken met de omgekeerde toets? Meld u aan voor deze bijeenkomst op 24 mei 2018.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina