Hulp bij het stemmen

Bij een bezoek aan een aantal stemlokalen heeft de OVSE geconstateerd dat sommige medewerkers niet goed op de hoogte waren van de regels. Zo’n probleem deed zich voor als stembureaumedewerkers dachten dat hulp in het stemhokje alleen gegeven mocht worden door medewerkers van het stembureau. Maar dat is niet juist. Volgens de Kieswet mag een persoon met een lichamelijke handicap zelf bepalen door wie hij geholpen wordt in het stemhokje.

Een ander probleem is dat er geen hulp geboden mag worden aan mensen met een andere beperking dan een lichamelijke. Door de OVSE wordt terecht opgemerkt dat dit in strijd is met het VN-Verdrag. Ook mensen met andere beperkingen, zoals verstandelijke en psychische beperkingen, zouden hulp moeten kunnen krijgen bij het stemmen in het stemhokje als zij zonder die hulp niet kunnen stemmen.

Grootte stembiljet

Kritiek is er ook op de grootte van het stembiljet en de te kleine letters op het stembiljet. De grootte maakte het stembiljet onhandelbaar, terwijl kleine lettertjes een probleem vormen voor slechtziende mensen. Ook het feit dat het stembiljet alleen letters bevat en geen afbeeldingen of logo’s was een punt van kritiek.

Artikel 29 VN-Verdrag

Het is artikel 29 van het VN-Verdrag: ‘participatie in het politieke en openbare leven’ dat de staten die partij zijn verplicht ‘te waarborgen dat de stemprocedures, -faciliteiten en -voorzieningen adequaat, toegankelijk en gemakkelijk te begrijpen en gebruiken zijn;’ en ‘de vrije wilsuiting van personen met een handicap als kiezers te waarborgen en daartoe, waar nodig, op hun verzoek ondersteuning toe te staan bij het uitbrengen van hun stem door een persoon van eigen keuze.’ Het niet toelaten van hulp voor mensen met een andere beperking is daar duidelijk mee in strijd. Wil Nederland aan het VN-Verdrag voldoen dan zal de Kieswet op dit punt moeten worden gewijzigd. Dat zal moeten gebeuren met artikel J28 dat luidt: ‘Wanneer aan het stembureau blijkt dat een kiezer wegens zijn lichamelijke gesteldheid hulp behoeft, staat het toe dat deze zich laat bijstaan.’ En artikel J4 lid 2 dat nog luidt: “Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor dat tenminste 25% van de in de gemeente aangewezen stemlokalen zodanig zijn gelegen en zo zijn ingericht dat kiezers met lichamelijke beperkingen zoveel mogelijk hun stem zelfstandig kunnen uitbrengen.” Dat laatste is – op termijn – in strijd met artikel II van de Wet van 14 april 2016 tot uitvoering van het VN-Verdrag. Dat wijzigt namelijk dit artikel zodanig “dat alle in de gemeente aangewezen stemlokalen zodanig zijn gelegen en zo ingericht en uitgerust dat kiezers met lichamelijke beperkingen zoveel mogelijk hun stem zelfstandig kunnen uitbrengen.” En dat laatste houdt dan ook nog geen rekening met mensen met een verstandelijke of een psychische beperking.

Tijd

Het wijzigen van een wet kost de nodige tijd. Het is dan ook goed dat een volgend kabinet direct begint met het voorbereiden van deze wetswijziging.

Meldpunt College

Het College voor de Rechten van de Mens had tijdens de verkiezingen een meldpunt geopend waar klachten gemeld konden worden. Daarnaast heeft het College onderzoek laten doen naar de obstakels die mensen met een beperking ervaren als zij gaan stemmen. Voor het onderzoek zijn mensen met een lichamelijke, visuele en verstandelijke beperking en mensen met een psychische aandoening bevraagd naar hun ervaringen. De resultaten van dit onderzoek worden voor de zomer gepubliceerd. Op dit punt moet op grond van het VN-Verdrag nog het nodige gebeuren. Maar het geeft ook een beeld dat mensen met beperkingen ondanks alles wat al gedaan is door het jaar heen van tijd tot tijd tegen discriminerende beperkingen aanlopen!

Zoekt u de laatste kennis en inzichten over het VN-Verdrag?

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina