Armoede en schulden

Het kabinet wil het aantal mensen met problematische schulden terugdringen en mensen met schulden effectiever helpen. Ook zet het kabinet in op het bestrijden van kinderarmoede. Het kabinet heeft op 1 april 2019 haar ambities op het gebied van het bestrijden van kinderarmoede gepresenteerd.

Het kabinet stelt voor drie jaar (2018 t/m 2020) in totaal € 80 miljoen ter beschikking voor het voorkomen van schulden en de bestrijding van armoede, in het bijzonder onder kinderen. De middelen hebben als doel om te leiden tot een kwaliteitsverbetering van het gemeentelijk armoedeen schuldenbeleid. Door actief in te zetten op het voorkomen en bestrijden van armoede en schulden, kunnen kosten in andere domeinen worden voorkomen of verminderd.

Op 29 mei 2019 is de Tweede Kamer geïnformeerd over de voortgang en de resultaten van de brede schuldenaanpak. Die aanpak is gericht op preventie en vroegsignalering  van schulden, ontzorgen en realiseren van een maatschappelijk verantwoorde incasso. Het komend jaar staat onverminderd in het teken van wetgeving en het uitvoeren en verder uitwerken van de plannen en maatregelen. Zo zijn alle betrokken partijen erop gericht om de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet, die moet voorkomen dat schuldenaren bij beslaglegging te weinig geld overhouden om in basale levensbehoeften te kunnen voorzien, op 1 januari 2021 in werking te laten treden. Het implementeren van maatregelen en wet- en regelgeving kost tijd, ook omdat we te maken hebben met ingewikkelde processen en systemen. Voor 2020 is het doel dat de effecten van de maatregelen steeds meer merkbaar worden voor mensen met (problematische) schulden.

Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz)

Het kabinet gaat het Bbz 2004 herzien met ingang van 2020.  De wijziging van dit besluit heeft betrekking op de volgende vier onderdelen:

  1. De financieringssystematiek wordt vereenvoudigd en meer in lijn gebracht met de financieringssystematiek van de Participatiewet;
  2. Wijziging van het aanvraagloket voor bijstandsverlening aan ondernemers in de binnenvaart van centrumgemeenten naar woongemeenten, waardoor op den duur de aparte uitvoeringsstructuur verdwijnt;
  3. Beperking van de instroom van oudere zelfstandigen met een niet-levensvatbaar bedrijf tot personen die zijn geboren vóór 1 januari 1960;
  4. Verdere uniformering van Bbz 2004 met de Participatiewet. Algemene bijstand wordt niet langer verstrekt in de vorm van een rentedragende lening en bijstand wordt niet langer met terugwerkende kracht
    verleend.

Eigen bijdragen Wmo 2015

Dit kabinet heeft een pakket aan maatregelen genomen om de stapeling van eigen betalingen voor zorg en ondersteuning te beperken. Eén van deze maatregelen betreft de invoering van het abonnementstarief voor Wmo-voorzieningen. Vanaf 2020 wordt de invoering hiervan via een wetswijziging volledig gerealiseerd. Het tarief gaat dan gelden voor zowel de maatwerkvoorzieningen als een belangrijk deel van de algemene voorzieningen (waarbij sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie). Dit leidt ertoe dat voorzieningen als begeleiding en huishoudelijke hulp onder het abonnementstarief komen te vallen, ongeacht of het algemene voorzieningen of maatwerkvoorzieningen zijn.

Breed offensief

Om de arbeidskansen van mensen met een beperking te vergroten heeft het kabinet een breed offensief gelanceerd  met verschillende maatregelen die ervoor moeten zorgen dat meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk komen en blijven. Belangrijke onderdelen zijn het vereenvoudigen van de inzet van het instrument loonkostensubsidie, het bevorderen van ondersteuning op maat, bijvoorbeeld door een adequate inzet van persoonlijke ondersteuning, en werken lonender maken voor mensen met een arbeidsbeperking. Belangrijke onderdelen zijn het vereenvoudigen van de inzet van het instrument loonkostensubsidie, het bevorderen van ondersteuning op maat, bijvoorbeeld door een adequate inzet van persoonlijke ondersteuning, en werken lonender maken voor mensen met een arbeidsbeperking.  Voor een aantal van de voorstellen is wijziging van de Participatiewet en de Ziektewet noodzakelijk. Het streven is het wetsvoorstel waarin dit wordt geregeld in de tweede helft van 2019 aan de Tweede Kamer aan te bieden, zodat het in juli 2020 in het Staatsblad gepubliceerd kan worden.

Dak- en thuisloze jongeren

Met het actieprogramma Dak- en Thuisloze Jongeren wordt in de periode 2019–2021 extra ingezet op een forse vermindering van het huidige aantal dak- en thuisloze jongeren en op voorkoming van nieuwe instroom. Het uitgangspunt is dat elke dak- en thuisloze jongere er één te veel is. In dertien gemeenten lopen de komende 2,5 jaar pilots waarbij wordt gestreefd naar 100% terugdringing. Succesvolle acties worden gebundeld, zodat alle gemeenten in staat worden gesteld van de opgedane lessen te leren en zelf toe te passen. Daarnaast wordt maatwerk advisering geboden aan gemeenten ten aanzien van de terugdringing van dak- en thuisloosheid onder jongeren en worden verschillende type stakeholders gestimuleerd om bij te dragen aan het gezamenlijk werken aan betere ondersteuning van en hulp aan deze jongeren.

Inburgering

In aanloop naar de voorziene inwerkingtreding van het nieuwe inburgeringsstelsel in 2021, wordt het pilotprogramma veranderopgave inburgering in 2020 voortgezet. De doelstellingen van het pilotprogramma zijn:

  • lessen opdoen voor de verdere inrichting van een adaptief inburgeringsstelsel;
  • gemeenten voorbereiden op de implementatie van de nieuwe wet.

Gezien die doelstellingen zal er ook evaluatieonderzoek plaatsvinden. Tevens zal de lagere regelgeving verder worden uitgewerkt. In 2020 zullen gemeenten vergunninghouders die nog onder het bestaande inburgeringsstelsel vallen, begeleiden, ondersteuning bieden en activeren bij het vinden van geschikt inburgeringsonderwijs, binnen de huidige wettelijke kaders. Hierover zijn bestuurlijke afspraken gemaakt met gemeenten.

Jeugdhulp

Naar aanleiding van het verdiepend onderzoek jeugd is besloten gemeenten voor de periode 2019–2021 € 1.020 miljoen extra ter beschikking te stellen. In 2020 ontvangen gemeenten € 300 miljoen extra. Gemeenten worden daarmee in staat gesteld de belangrijke en noodzakelijke veranderingen op gang te brengen en voldoende passende hulp te kunnen blijven bieden. Tevens zal er een aanvullend onderzoek worden uitgevoerd naar de volumeontwikkeling en uitgavenontwikkeling dat in het najaar van 2020 gereed moet zijn.

In 2020 zullen gemeenten ook invulling geven aan de in 2019 gemaakte aanvullende bestuurlijke afspraken over een efficiëntere en effectievere uitvoering van de Jeugdwet waarbij wordt ingegaan op de inhoudelijke begrenzing van de jeugdhulp, het terugdringen van vermijdbare uitgaven en ordening van het jeugdhulplandschap.

In navolging van de verlenging van de pleegzorg voor kinderen in gezinshuizen wordt het vanaf 2020 de norm dat jeugdhulp beschikbaar blijft tot het 21e levensjaar. Het kabinet stelt hiervoor structureel
€ 11,4 miljoen extra beschikbaar aan gemeenten (in 2020 € 6,1 miljoen extra).

IOW

In het regeerakkoord is aangekondigd dat de IOW vanaf 2020 met vier jaar wordt verlengd. Hierdoor hoeven oudere werklozen na het aflopen van de WW- of WGA-uitkering niet hun eigen vermogen of dat van hun partner
‘op te eten’ voordat zij in aanmerking komen voor inkomensondersteuning. Vanaf 2020 stijgt de leeftijdsgrens om voor de IOW in aanmerking te komen van 60 jaar naar 60 jaar en 4 maanden. Deze leeftijdsgrens blijft tot 2024 gehandhaafd.

Vereenvoudiging van de Wet banenafspraak

De Staatssecretaris van SZW heeft in november 2018 de vereenvoudiging van de Wet banenafspraak aangekondigd. In juli 2019 heeft zij de Kamer geïnformeerd over de uitwerking van de vereenvoudiging en aangekondigd dat zij naar verwachting het wetsvoorstel daarvoor in de tweede helft van 2019 aan de Kamer aanbiedt. Gevolg gevend aan de uitvoering van de motie Nijkerken-de Haan c.s. heeft de Staatssecretaris anticiperend op deze vereenvoudiging in het wetsvoorstel deactivering en uitstel quotumheffing het opleggen van de quotumheffing opgeschort tot uiterlijk 1 januari 2022. Dit wetsvoorstel ligt nu in de Eerste Kamer.

Werkgeversdienstverlening

Samen met UWV en gemeenten verbetert het kabinet de werkgeversdienstverlening en de matching door ervoor te zorgen dat in elke arbeidsmarktregio één publiek aanspreekpunt voor werkgevers is, met hetzelfde basispakket aan dienstverlening, met inzichtelijke profielen van de werkzoekenden en een overzichtelijk pakket aan instrumenten en voorwaarden. Het kabinet past hiervoor de SUWI regelgeving aan en start met UWV en VNG een programma voor het verbeteren van het uitwisselen van matchingsgegevens. Ook werkgevers en private intermediairs doen mee. We geven de arbeidsmarktregio’s in 2020 opnieuw een extra impuls met € 35 miljoen om werkzoekenden aan het werk te helpen. Dat doen we vanuit het programma ‘Perspectief op werk’, waarbij ook het onderwijs is betrokken.

Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten

De banenafspraak uit het Sociaal Akkoord van 2013 heeft tot doel om meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te helpen bij reguliere werkgevers. Met de sociale partners is afgesproken 125.000 banen voor de doelgroep te creëren. De opgave voor markt en overheid tot en met 2018 is om 43.500 extra banen te realiseren ten opzichte van de nulmeting; 31.000 in de sector markt en 12.500 in de sector overheid. De doelstelling van 43.500 banen is met 51.956 extra banen ruim gehaald.

Met 44.017 banen heeft de sector markt de doelstelling van 31.000 banen ruim overtroffen. Helaas hebben de overheidswerkgevers de doelstelling ook in 2018 niet gehaald. Ten opzichte van de nulmeting heeft de sector
overheid 7.940 extra banen gerealiseerd. Het resultaat van de sector overheid over 2018 geeft dus geen aanleiding om de quotumregeling te deactiveren. Het vorige kabinet heeft de Tweede Kamer echter met de
brief van 8 september 2017 geïnformeerd dat het heeft besloten dat de overheidswerkgevers in 2018 een jaar extra krijgen om de aantallen van de banenafspraak te realiseren.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina