Uitspraak Rotterdam

Eén van de vier uitspraken was die in de gemeente Rotterdam. De gemeente Rotterdam was overgestapt op resultaatgericht indiceren. Bij beschikking ontvingen cliënten de mededeling dat aan hen was toegekend: een schoon en leefbaar huis. Daar kan niemand op tegen zijn. Daarna kwam de instelling vaststellen wat dat schoon en leefbare huis inhield. Het zorgplan. En dat leverde vaak minder uren hulp op.

Rechtbank en Centrale Raad

De rechtbank gaf aan dat volstrekt onduidelijk was, wat nu een schoon en leefbaar huis inhield. En dat kan niet. Je kunt niet iemands rechten zo vaag vaststellen dat iemand daarna niet weet wat zijn rechten zijn. Ook voor de rechter is dat niet handig, want hoe moet er nu getoetst worden. Dus heeft de Centrale Raad, als hoogste rechter, gesteld: de werkwijze mist een ‘duidelijke maatstaf’. Verordening noch beleidsregels geven ‘inzicht in de vraag op welke concrete wijze invulling wordt gegeven aan het bereiken van de resultaten een schoon en leefbaar huis.’

Uren of geen uren

En dan begint de onduidelijkheid. In commentaren lees je dat dit betekent dat bij resultaatgericht indiceren dus aangegeven moet worden welke concrete taken moeten worden uitgevoerd (stofzuigen woonkamer, slaapkamer, reinigen toilet: wastafel, toiletpot, tegels en vloer) maar ook in welke frequentie dat moet gebeuren (bijvoorbeeld wekelijks of 1x per 2 weken (verschonen van het bed). Maar soms lees je dan: en daar moeten ook de uren aan worden toegevoegd.

Geen uren

Persoonlijk denk ik dat resultaatgericht indiceren en vermelden van uren op gespannen voet staan met elkaar. Bij resultaatgericht indiceren gaat het om het te behalen resultaat. In hoeveel tijd dat resultaat behaald wordt is niet interessant, het gaat erom dat het resultaat behaald wordt. En daar zit dan ook de winst in. Bij indiceren in uren kan het best zijn dat bij iemand die 3 uur heeft na 2 uur alles is gedaan. Maar dan is er nog een uur. En daar worden dan taken voor gezocht. Vaak taken die niet de bedoeling zijn (zoals onderdelen van de grote schoonmaak). Als je die tijd wint, maak je minder kosten. En die grote schoonmaak: dat was en is eigen verantwoordelijkheid. Daar zou mooi de HHT (de huishoudelijke hulp toelage) voor kunnen worden gebruikt om daar kortingsuren voor aan te bieden!

Verwarring ontward

Maar waar komt dan de verwarring van? Uit het feit dat de CRvB drie soorten uitspraken heeft gedaan. Allereerst deze uitspraak in Rotterdam. Over resultaatgericht indiceren. Daarnaast 2 uitspraken in de gemeente Utrecht. Die gaan over het omzetten van indicatie in uren naar indicatie in modules, met daaraan tijd gekoppeld. En ten slotte de gemeente Aa en Hunze, waar hulp bij het huishouden tot een ‘algemene voorziening is gemaakt.’Als je kijkt naar de uitspraken in Utrecht wordt daar nadrukkelijk gesteld dat je altijd de uren moet vermelden. Logisch, want het gaat om indiceren in tijd. Zo had de basismodule eerst de omvang van 1,5 uur per week, later van 2 uur per week. Maar in de uitspraak Rotterdam wordt met geen woord gerept over uren. Ik denk dat de CRvB dit heel bewust heeft gedaan. De CRvB begrijpt heel goed dat resultaatgericht en uren niet bij elkaar horen. Maar anderen kennelijk niet. Zij zeggen dat wat in de uitspraak Utrecht staat, ook voor Rotterdam geldt. Mijn stelling: als dat zo geweest was, had de CRvB dat wel gezegd!

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina