De 7 cliënten hebben bezwaar gemaakt tegen de opschorting en daarnaast de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening.  De rechter deelt de zorgen van de gemeente, maar treft toch de gevraagde voorlopige voorziening. De gemeente moet de uitbetaling van het pgb dus weer in gang zetten. Zie de uitspraak Voorzieningenrechter Rechtbank Limburg, 04-04-2019, ECLI:NL:RBLIM:2019:3127. 

Waarom maakt de rechter de opschorting ongedaan?

Daarvoor worden in de uitspraak diverse redenen genoemd. Allereerst vindt de rechter dat de conclusie ‘zorgwekkend’ niet direct tot een ‘ernstig vermoeden’ van oneigenlijk gebruik van het pgb leidt, zoals dat in de verordening wordt genoemd als voorwaarde voor gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb.

Verder geeft het toezichtsrapport alleen voorlopige en algemene bevindingen, die niet kunnen worden gecontroleerd.

Het gaat hier om met name (ex-)verslaafden en ex-daklozen die specifieke zorg en begeleiding nodig hebben. Hiervoor is niet zomaar een alternatief ondersteuningsaanbod voorhanden. Bovendien zijn deze cliënten voor woonruimte afhankelijk van hun zorgaanbieder.

Welke lessen zijn er te trekken uit deze uitspraak

Waarschijnlijk is de gemeente in deze zaken iets te hard van stapel gelopen bij het nemen van handhavingsmaatregelen. De opschorting was onvoldoende afgewogen en gemotiveerd.

Handhaving in de Wmo 2015 (en de Jeugdwet) is een relatief nieuw fenomeen, waarmee nog weinig ervaring is opgedaan. Voor veel toezichthouders en sociaal rechercheurs zijn daarom beide wetten inhoudelijk nog relatief onbekend.

Specifiek voor deze doelgroep organiseert Stimulansz op 28 mei de training Kennismaking met de Wmo voor toezichthouders en sociaal rechercheurs.

Op deze dag wordt aan de hand van de wet en veel praktijkvoorbeelden een overzichtelijk beeld gegeven van de uitvoering van de Wmo 2015. Aan de orde komen onder meer:

  • het proces van melding en aanvraag tot een eventuele terugvordering;
  • de verschillende verstrekkingsvormen (maatwerkvoorziening, persoonsgebonden budget);
  • de rol van verschillende betrokken partijen (gemeenten, aanbieders, de SVB, toezichthouders);
  • frauderisico’s en preventie- en handhavingsinstrumenten, zoals herziening en terugvordering;
  • gegevensuitwisseling.

Na het volgen van deze training hebt u als toezichthouder meer overzicht en vooral inzicht in de regels die u gaat handhaven.

Wilt u meer informatie over de training Kennismaking met de Wmo voor toezichthouders en sociaal rechercheurs?

Kijk dan op deze pagina en meld u meteen aan.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina