Toch wordt eenzaamheid binnen de Participatiewet niet vaak expliciet benoemd. Juist daarom viel het mij op dat de wetgever het tegengaan van eenzaamheid nadrukkelijk noemt als een van de doelen van maatschappelijke participatie, een begrip dat geïntroduceerd is in de Participatiewet in balans. Met de invoering van deze wetswijziging gaat het bij ‘maatschappelijke participatie’ niet alleen om arbeidsinschakeling, wederkerigheid en zingeving, maar ook om het bevorderen van sociale verbondenheid en het voorkomen van vereenzaming [1].
Dat roept interessante vragen op; waarom krijgt een onderwerp dat meestal wordt gezien als een vraagstuk van welzijn en de Wmo nu ook een plek binnen de Participatiewet? En misschien nog belangrijker: hoe kan de afdeling Werk en Inkomen hier in de praktijk iets aan bijdragen?
Eenzaamheid is geen randverschijnsel
Toen ik mij verdiepte in de achtergrond van de nieuwe wettelijke doelstellingen, zag ik het tegengaan van eenzaamheid aanvankelijk vooral als een neveneffect van participatie. Pas toen ik me verder verdiepte in wat eenzaamheid precies is, hoe vaak het voorkomt en welke gevolgen het kan hebben, begon ik beter te begrijpen waarom de wetgever dit doel expliciet benoemt.
Eenzaamheid blijkt namelijk veel vaker voor te komen dan wordt gedacht. Bijna de helft van de volwassen Nederlanders voelt zich in meer of mindere mate eenzaam [2]. Vooral mensen met financiële problemen, gezondheidsproblemen, langdurige werkloosheid of een beperkte sociale omgeving lopen een verhoogd risico. Eenzaamheid is daarmee geen randverschijnsel, maar een breed maatschappelijk vraagstuk dat raakt aan gezondheid, bestaanszekerheid en meedoen in de samenleving.
Geen nieuwe projecten
Voor de afdeling Werk en Inkomen hoeft de oplossing niet per se te liggen in nieuwe projecten of apart eenzaamheidsbeleid. De kracht van de Participatiewet zit juist in het dagelijkse contact met inwoners. Door mensen weer in beeld te brengen, het gesprek aan te gaan, passende ondersteuning te organiseren en mogelijkheden voor maatschappelijke participatie te bieden, kunnen gemeenten bijdragen aan meer verbinding, structuur en zingeving. Juist op het snijvlak van Werk en Inkomen, Wmo, Schuldhulpverlening, Welzijn en Zorg kunnen gemeenten integraal werken aan meer verbinding, zingeving en participatie.
Wat is eenzaamheid eigenlijk?
Eenzaamheid is niet hetzelfde als alleen zijn. Het gaat om het gevoel dat sociale contacten niet aansluiten bij wat iemand nodig heeft. Daarbij wordt vaak onderscheid gemaakt tussen sociale eenzaamheid, waarbij iemand een netwerk of sociale contacten mist, en emotionele eenzaamheid, waarbij het ontbreekt aan een hechte vertrouwensrelatie.
De gevolgen kunnen aanzienlijk zijn. Langdurige eenzaamheid gaat vaak gepaard met stress en vergroot de kans op uiteenlopende psychische en fysieke gezondheidsproblemen.[3] Voor gemeenten betekent dit, dat eenzaamheid niet alleen een sociaal vraagstuk is, maar ook gevolgen kan hebben voor zorggebruik, participatie en zelfredzaamheid.
Maatschappelijke participatie als doel op zichzelf
Met de introductie van maatschappelijke participatie in artikel 9 van de Participatiewet krijgt de aandacht voor deze problematiek een expliciete wettelijke basis. Volgens de memorie van toelichting kan maatschappelijke participatie zowel gericht zijn op arbeidsinschakeling als een zelfstandig doel vormen. Als arbeidsinschakeling niet vooropstaat, noemt de wetgever onder meer zingeving, wederkerigheid, zelfstandig deelnemen aan de samenleving en het tegengaan van eenzaamheid als belangrijke doelen.
Daarmee biedt de wet gemeenten ruimte om maatschappelijke participatie niet alleen te zien als een opstap naar werk, maar ook als een manier om sociale verbondenheid te vergroten. Activiteiten zoals vrijwilligerswerk, buurtinitiatieven, maatjesprojecten of andere laagdrempelige vormen van deelname kunnen bijdragen aan structuur, ontmoeting, betekenisgeving en het versterken van het gevoel erbij te horen.
Belangrijk is wel dat gemeenten deze ruimte niet te instrumenteel invullen. Wederkerigheid betekent niet dat iemand onder druk iets moet terugdoen voor zijn uitkering. Het gaat er juist om dat mensen ervaren dat zij ertoe doen en van betekenis kunnen zijn. Dat vraagt van uitvoerders om maatwerk, aandacht voor de persoonlijke situatie en oog voor wat iemand motiveert en aankan. En misschien is dat wel de mooiste kant van het werk: ruimte creëren voor kleine veranderingen die voor inwoners een wereld van verschil kunnen maken.
Leestip:
Sociale en Culturele Ontwikkelingen, Stand van Nederland 2023 (Sociaal en Cultureel Planbureau, april 2024), waarin opvallend genoeg het woord ‘eenzaamheid’ ongeveer even vaak voorkomt als het woord ‘participatie’.
Voetnoten:
[1] MvT Participatiewet in balans, met name p. 88, 89 en 192