Aanbeveling 2. Versterk het rechtsstatelijk kompas binnen alle onderdelen van de overheid
Een advies van de Staatscommissie is dat ambtenaren over een rechtsstatelijk kompas beschikken dat in geval van conflicterende belangen richting geeft aan hun handelen. Dat is een buitengewoon goed idee en hier wordt ook hard aan gewerkt (zie onder meer ambtenaar heeft morele ondergrens nodig). Een rechtsstatelijk kompas moet naast een richting, ook een handelingsperspectief bieden. En dat vraagt om een uitwerking van allerlei praktische vraagstukken. Als ik bij gemeenten en uitvoeringsorganisaties met uitvoerders over ethische vraagstukken praat, dan zie ik een grote behoefte om hier iets mee te doen. Maar praktische vragen maken de uitvoering lastig. Denk aan vragen als ‘bij wie kan ik terecht met mijn dilemma? Waar haal ik de tijd vandaan als ik zoveel dossiers heb liggen? Krijg ik ruggensteun als ik een besluit neem dat achteraf toch niet goed uitpakt?’ Een moreel kompas is een begin, daarnaast is ruimte nodig om daar naar te handelen.
Uitvoering onder druk
Het is voor ambtenaren en medewerkers van uitvoeringsorganisaties lastig op dit moment. Ze zijn vaak zondebok voor dingen die mis gaan. Of het nu gaat om het uitvoeren van ingewikkelde wetgeving (waarbij het ook voor doorgewinterde professionals niet altijd te overzien is hoe verschillende regelingen op elkaar inwerken), wetgeving die in de praktijk soms hardvochtig uitpakt, om berichten in de krant of op sociale media die soms verre van de waarheid weergeven. Hun reputatie staat onder druk. Ik heb meer dan eens van deze professionals gehoord dat ze op een verjaardag niet durven zeggen waar ze werken. Dat vind ik schrijnend. Mijn beeld is dat mensen die dit werk doen dit doen vanuit een intrinsieke motivatie om iets bij te dragen aan de maatschappij. Maar soms lukt dat niet, omdat de druk te hoog wordt door tijd- en personeelsgebrek, of door verwachtingen vanuit de samenleving die niet waargemaakt kunnen worden. Als de druk maar hoog genoeg oploopt, dan kan cognitieve dissonantie optreden. Dat wil zeggen dat we op zo’n moment niet doen wat we intrinsiek belangrijk vinden. Dat schuurt en dat willen we oplossen. Dat kan op 3 manieren, namelijk door:
- ons gedrag aan te passen; of
- door een andere verklaring te geven van ons eigen gedrag; of
- onze overtuiging minder belangrijk te maken.
Vergelijk het met rokers. Die weten echt wel dat roken ongezond is. Ook dan kan cognitieve dissonantie optreden (je weet dat het niet gezond is, maar je doet het toch). Die roker kan dan:
- stoppen met roken; of
- aangeven dat oma 100 is geworden en een pakje sigaretten per dag rookte, dus roken is helemaal niet zo slecht! Dit wordt ook wel anekdotisch bewijs genoemd.; of
- stellen dat je beter korter kunt leven en genieten.
Cognitieve dissonantie
Op een vergelijkbare manier zie ik dat terug bij ambtenaren en medewerkers van uitvoeringsorganisaties. Veel klantmanagers en consulenten starten in het sociaal domein omdat ze iets willen betekenen voor de samenleving. Dat is niet altijd even makkelijk. Zeker voor mensen die nieuw zijn in het werkveld is de druk hoog. Elke situatie is nieuw en er moet van alles uitgezocht worden. De vragen zijn complex, de afhandelingstermijn vanuit de wet is beperkt en de aanvrager heeft het geld nú nodig. Dit kan leiden tot een werkdruk die zo hoog is, dat het niet meer lukt om echt aandacht te besteden aan mensen. Dit leidt tot cognitieve dissonantie, waardoor de wens om van betekenis te willen zijn naar de achtergrond kan verdwijnen. Voor vrijwel iedereen voelt dat ongemakkelijk, de keuze die we op basis daarvan maken en de nieuwe waarheid die we creëren is per persoon verschillend.
De een kiest ervoor om toch de tijd te nemen om iedereen echt te spreken en dan maar alle deadlines te overschrijden. De volgende kiest ervoor om te stellen dat het aan mensen zelf te wijten is dat de aanvraag wordt afgewezen omdat ze niet tijdig alle spullen hebben ingeleverd (en er geen tijd is of wordt gevoeld om even te bellen of de aanvrager het alsnog kan inleveren). Weer een ander stelt dat de taak is om een wet uit te voeren en te zorgen dat de regels worden nageleefd, niets meer en niets minder. Bij al die nieuwe waarheden die door de uitvoerder worden gecreëerd klopt de gedachte over hoe het moet weer met de werkelijkheid. En omdat wij mensen het graag met onszelf eens zijn, raken we er steeds meer van overtuigd dat dat inderdaad belangrijk voor ons is.
Met andere woorden, onze nieuwe waarheid hoeft helemaal niet waar te zijn, we zorgen ervoor dat we het waar maken. En zo kan ons rechtsstatelijk kompas onder druk komen te staan.
Tijd, handvatten en ruggensteun
Het advies van de staatscommissie in het kader van het rechtsstatelijk kompas is om jaarlijks een training te geven over ieders rol in de rechtsstaat en over het burgerperspectief. En om regelmatig te reflecteren op dilemma’s. Dit zijn goede ontwikkelingen, mits er voldoende tijd wordt ingeruimd voor medewerkers om hier ook echt bij stil te staan. Een training rechtsstatelijkheid terwijl ondertussen de stapel af te handelen dossier de professional boven het hoofd groeit, gaat niet in vruchtbare aarde landen. Datzelfde geldt als er in de organisatie geen opvolging wordt gegeven aan de geleerde lessen in de vorm van tijd, handvatten en ruggensteun.
Een van de adviezen uit het rapport geeft het volgende mee. De beloningssystematiek maakt dat hoe minder contact er is met de inwoner, hoe hoger het salaris. De vraag is of dat een terechte manier van inschaling is. Zonder te pretenderen dat ik die vraag kan beantwoorden zie ik wel een toegenomen complexiteit in zowel vragen als regelgeving. Wil je iemand echt ondersteunen en goed op weg helpen, dan heb je behoorlijk wat kennis én vaardigheden nodig. Die benodigde kennis en competenties worden in de praktijk echt onderschat.
Kortom, het is buitengewoon belangrijk om regelmatig stil te staan bij het rechtsstatelijk kompas van ambtenaren. Vervolgens moet daar ook tijd, ruimte en ruggensteun aan gekoppeld worden. Ook hier is het belangrijk dat de ambtenaar begrijpt wat er moet gebeuren (hoofd), voelt waarom dat belangrijk is (hart) en instrumenten heeft om het van papier naar werkelijkheid te krijgen (handen).
Volgende keer reflectie op aanbeveling 6: Geef langdurige politieke prioriteit aan vereenvoudiging van regelingen voor bestaanszekerheid.
Wil je het rapport “De gebroken belofte van de rechtsstaat” lezen?