Toegankelijke schuldhulpverlening – goede voorbeelden

Aan de hand van de 7 tips geef ik u in deze blog goede voorbeelden uit gemeentelijke beleidsplannen. Hierin laten de gemeenten duidelijk zien hoe zij denken over toegankelijke schuldhulpverlening.

Een goed begin

Een beroep op een inkomens- of minimaregeling van de gemeente wordt niet op zich beoordeeld, maar vormt de aanleiding om dieper in te gaan op de omstandigheden van de persoon en het gezin. Het gewenste resultaat staat centraal bij de behandeling van een verzoek; niet de aanvraagprocedure of de regeling. Het gaat om passende dienstverlening. De ondersteuning die de gemeente biedt is gericht op de inwoner en moet passen bij de situatie van de inwoner.

Daar moet ik zijn!

Iedere inwoner die te maken krijgt met schulden weet hoe hij of zij hulp kan vinden bij het oplossen van schulden. De juiste informatie is beschikbaar via verschillende kanalen, zoals de website van de gemeente. Maar ook via diverse maatschappelijke organisaties waar mensen met schulden of financiële problemen komen. We communiceren in een taal die voor iedereen te begrijpen is. De informatie is toegankelijk voor de inwoner én er zijn korte lijnen tussen de verschillende signalerende en/of hulpverlenende organisaties die direct of indirect te maken krijgen met schuldenproblematiek. Dat zijn met name de professionals die werken  in de jeugdzorg, Wmo en Participatiewet.

Op tijd

Bij een deel van de doelgroep is het niet voldoende om de toegang tot schuldhulpverlening laagdrempeliger te maken, maar is een proactieve benadering nodig. Hulpverleners gaan zelf naar mensen toe op basis van signalen van (problematische) schulden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan huurachterstanden of achterstanden in het betalen van de zorgpremie. In dergelijke situaties nemen we telefonisch contact op en/of plannen we vaker een huisbezoek, bijvoorbeeld door het wijkteam.

We zoeken het samen uit

Schuldhulpverlening is meer dan alleen het regelen van schulden. Het omvat een groot aantal vormen van ondersteuning, die niet alleen gericht zijn op de financiële en juridische aspecten van schulden, maar ook (en misschien wel vooral) op gedragsverandering. Om aan een succesvolle gedragsverandering te kunnen werken is goede afstemming nodig tussen alle partijen die bij een inwoner ondersteunen. Schuldhulpverlening kan alleen succesvol zijn als er voldoende samenwerking is tussen alle betrokken partijen: schulden lossen we samen op.

Geen schande

Er rust nog altijd een taboe op het praten over schulden. Schaamte speelt een grote rol bij het (te) laat
vragen om hulp bij financiële problemen. Daarnaast hebben sommige inwoners een negatief beeld van de schuldhulpverlening. Om ervoor te zorgen dat inwoners met schulden zich eerder melden bij professionele hulpverlening, zorgen we allereerst dat inwoners, hulpverleners, medewerkers van de afdeling Werk & Inkomen en schuldeisers weten hoe ze schuldenproblematiek kunnen signaleren en bespreekbaar kunnen maken. Ook leren ze gericht door te verwijzen.

Begrijpelijk

Schuldhulpverlening houdt rekening met de gevolgen die financiële problemen hebben op het dagelijks functioneren van schuldenaren. Dat vraagt ook om fouttolerantie. Iedere schuldenaar houdt zijn persoonlijke verantwoordelijkheid om zijn situatie te verbeteren en daar hard voor te werken. Maar we zorgen ervoor dat dat harde werken niet teniet wordt gedaan als kleine vergissingen worden gemaakt die een onvermijdelijk gevolg zijn van de belasting van de bandbreedte. Dat vraagt om maatwerk in het omgaan met voorwaarden, afspraken en regels.
Eenvoud voor mensen vraagt veel en maakt het vaak zelfs moeilijker voor overheden en maatschappelijke organisaties. Vanwege hun maatschappelijke verantwoordelijkheid moeten regels, beleid en uitvoering eenvoudiger. Het levert veel op voor de schuldenaar, bijvoorbeeld in de vorm van meer welbevinden, een betere gezondheid en minder maatschappelijke kosten.

Rust en overzicht

Overbelaste inwoners moeten we niet langer belasten met ingewikkelde procedures en brieven, maar waar mogelijk ondersteunen. Bijvoorbeeld door tijdelijk het beheer van hun budget over te nemen. Het vangnet is tegelijkertijd een springplank. De insteek is dat de tijdelijke ondersteuning rust creëert en ruimte geeft om na te denken over de toekomst en stappen naar een beter leven.

Rondkomen

De hulp is erop gericht dat de inwoner zich weer sterk voelt en met zelfvertrouwen zijn financiën onder eigen beheer houdt. Daar waar mogelijk stimuleert de hulpverlening dat de inwoner zijn situatie zodanig verandert, dat hij financieel zelfstandig blijft of wordt. Zo nodig met steun van zijn sociaal netwerk en door werk naar vermogen.
Wat staat er in het beleidsplan van uw gemeente? Staat het alleen op papier of werkt het echt? Wilt u advies voor het verbeteren van de toegankelijkheid van schuldhulp in uw gemeente? Neem dan contact op met Corinne Berhitu. Bekijk hier de volledige infographic met 7 tips voor een laagdrempelige en breed toegankelijke schuldhulpverlening.

Pagina delen op socials

Meer weten over dit onderwerp?

Mr. Corinne Berhitu helpt je graag verder.

Nieuwsbrief Sociaal Domein

Binnen 5 minuten op de hoogte van de actuele ontwikkelingen in het sociaal domein? Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief. Met onder andere blogs van experts, interessante whitepapers en toelichting op wet- en regelgeving.

Anderen bekeken ook

Participatiewet in balans: Wat Spoor 3 betekent voor beleid en uitvoering van gemeenten

De Participatiewet gaat fundamenteel op de schop met de Participatiewet in balans. Vereenvoudiging, vertrouwen en menselijke maat staan centraal. Nu de eerste wetswijzigingen een feit zijn, is de weg vrij voor de uitvoering. Spoor 3 daagt beleidsmakers uit om de menselijke maat stevig in hun beleid te verankeren. Maar hoe vertaal je deze ‘nieuwe balans’ voor je professionals naar werkbare processen met minder regeldruk? Strateeg Gerrit van Romunde over de implicaties van Spoor 3 voor beleid en uitvoering.

De kracht van verschil: Hoe kunnen we weer leren het oneens te zijn?

Zelfs in een relatief klein land als het onze lopen de meningen van inwoners behoorlijk uiteen. In het dorp waar ik woon is een aantal mensen blij met luidruchtige feesten in de straat, omdat er ‘eindelijk wat gebeurt in dit gat’. Anderen storen zich eraan, omdat zij juist ‘behoefte hebben aan rust en stilte’. Een feestje is een klein vraagstuk, ook op grotere vraagstukken als nood- of asielopvang, windmolens en woningbouw lopen de meningen sterk uiteen. Zoveel mensen, zoveel meningen en dat is heel goed. Niet altijd handig, wel goed. Ik realiseer me dagelijks hoe mooi het is dat we leven in een land waar die verschillen er kunnen en mogen zijn en ook geuit mogen worden.

Hoe voer je het goede gesprek met een inburgeraar?

Als consulent Inburgering begeleid je inburgeraars in hun inburgeringstraject. Hoe ga je om met afwijkende wensen? Lees het hier.