Veel gemeenten maken beleid dat ijzersterk in elkaar zit. En toch blijkt het erg lastig om dit in de praktijk te realiseren, is de ervaring van Evelien Meester. “Hiervoor kunnen natuurlijk diverse oorzaken zijn, maar een belangrijke reden is het psychologische element. Beleidsmedewerkers gaan ervan uit dat men­sen doordacht handelen. Maar dat is vaak helemaal niet zo.”

Daarom is het voor de effectiviteit van het beleid zo belangrijk om te weten hoe mensen zich gedragen, vindt de teammanager Juridische Facilitering bij Stimulansz. “Je moet snappen hoe je mensen op een positieve manier in be­weging kunt krijgen, dus hoe je ze kunt motiveren om te doen wat je wilt dat ze doen. Benut hiervoor de inzichten uit de gedragswetenschap.”

Wilt u leren hoe inzichten uit de gedragswetenschappen uw beleid kunnen verbeteren?

Meld u nu aan voor de Masterclass beleidsadviseur sociaal domein op 1 oktober 2019.

Nepartikel

Meester geeft een voorbeeld van een interessant experiment waaruit een les voor het sociaal domein te destilleren valt. Twee groepen studenten vulden een vragenlijst in en ontvingen geld per goed antwoord. Zij moesten hun antwoorden versnipperen en vertellen hoeveel antwoorden goed waren. Tevens kregen alle deelnemers een echte Gucci-zonnebril, maar een van de twee groepen werd verteld dat het om een nepartikel ging. Mees­ter: “De mensen in deze groep fraudeerden beduidend meer. Dat is totaal niet logisch verklaarbaar, maar voor hun gevoel waren ze met het accepteren van de nepzonnebril al over een eerste grens heen gegaan.”

Dit onderzoek heeft implicaties voor het tegengaan van misbruik. Het ge­meentelijk beleid gaat volgens Meester uit van de rationeel calculerende mens die voordeel, pakkans en strafmaat tegen elkaar afweegt. “Er spelen echter veel meer factoren mee bij het wel of niet misbruiken van een voorzie­ning. Het is van groot belang dat een klantmanager bij een eerste onregel­matigheid onmiddellijk reageert. Niet met de bedoeling om iemand meteen te straffen, maar wel om duidelijk te maken dat zoiets niet kan. Je stelt samen met de klant de norm weer scherp. Vaak wordt van actie afgezien vanuit de gedachte dat de klant het zo kwaad niet bedoelt. Niet doen, want dat zorgt voor een glijdende schaal. De kans op fraude neemt toe.”

Snel denksysteem

Mensen nemen volgens Meester veel beslissingen met hun snelle denksysteem, dat intuïtief reageert. “Je vormt vaak in een split second een oordeel. Het intuïtieve denken heeft de mens al van oudsher nodig. Hoor jij een hard gebrul achter je, dan weet je dat je het op een rennen moet zetten.”

Het analytische deel van het brein is daarentegen eigenlijk erg lui, merkt Mees­ter op. “Dat komt pas in beweging wanneer het wordt aangesproken. Heel vaak heb je intuïtief al een besluit genomen. Ook bij een economische beslis­sing, zoals de Israëlisch-Amerikaanse Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman heeft ontdekt. Je bedenkt daarvoor dan vanuit het analytische denksysteem argumenten, zonder nog naar tegenargumenten te kijken. Houd met zulke gevoelsmatige keuzes van mensen rekening bij het formuleren van beleid.”

Een mooi voorbeeld hiervan is het discriminatie-experiment van Sunny Bergman uit de documentaire ‘Zwart als roet’. Zie dit filmpje. Het gaat over een fietsendief. Drie jongens, zelfde leeftijd, zelfde kleding, stelen dezelfde damesfiets met kinderzitje uit hetzelfde park. Het enige verschil is de huidskleur. Ondanks het feit dat er geen enkel relevant onderscheid is tussen de jongens, reageren mensen heel verschillend. Van de ene jongen denken ze dat het ‘een vader’ is en dat zijn vrouw haar sleutel kwijt is. Van de andere jongens vinden mensen het ‘heel vreemd’ dat een man een damesfiets met kinderzitje mee wil nemen. Dat kan natuurlijk niet kloppen! Ofwel, mensen hebben met hun denksysteem een besluit genomen (oké of niet oké) en bedenken daar met hun analytische brein argumenten bij. We denken dat we een rationeel besluit genomen hebben, maar eigenlijk is het helemaal niet zo rationeel!

Motivatie

Meester noemt ook een analyse van UWV, waaruit blijkt dat ge­motiveerde werkzoekenden juist hun enthousiasme verliezen als ze arbeids­verplichtingen opgelegd hebben gekregen. “Er wordt precies het tegenover­gestelde effect bereikt. Kijk hier vanuit gedragspsychologisch oogpunt naar. Hoe kun je het beleid zo vormgeven dat je het voor elkaar krijgt dat mensen uit zichzelf solliciteren? Als ongemotiveerde klanten moeten solliciteren, we­ten zij altijd wel iets te verzinnen om niet te worden aangenomen zonder dat je het hun kunt verwijten. Mensen zijn vooral gemotiveerd voor hun eigen ideeën en plannen. Kennis van gedrag is dus echt onmisbare informatie om doelen te bereiken.”

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina