Ambtshalve verstrekken. Hoezo?

Regelmatig ontvangen wij vragen van gemeenten die op zoek zijn naar mogelijkheden om (bijzondere) bijstand ambtshalve te verstrekken. Bijvoorbeeld omdat zij de armoede in een bepaalde doelgroep gericht willen bestrijden. Denk aan kinderen in arme gezinnen.

Een andere reden is dat een gemeente de administratieve lasten zo beperkt mogelijk wil houden, als men weet dat verstrekking toch onvermijdelijk is. Bijvoorbeeld omdat eerder een verstrekking plaatst vond voor een periode van een jaar, en bekend is dat verlenging aan de orde is, omdat de omstandigheden niet zijn gewijzigd.

Wat zegt de wet?

De Participatiewet regelt expliciet dat bijstand schriftelijk moet worden aangevraagd. Alleen als een schriftelijke aanvraag niet mogelijk is, kan een gemeente het recht op bijstand ook ambtshalve vaststellen. Deze regel geldt zowel voor de algemene als de bijzondere bijstand. In 2010 heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) nog een aanwijzing gegeven aan een gemeente die ambtshalve een eindejaarsuitkering wilde verstrekken.  Dat was overigens de laatste aanwijzing van SZW. Sindsdien is het beleid gewijzigd en past het ministerie de aanwijzing alleen nog toe bij zeer ernstige tekortkomingen. Na 2010 zijn ook geen aanwijzingen meer gegeven.

Waarom is de wet zoals die is?

De hoofdregel is dat gemeenten besluiten op een schriftelijke aanvraag. Dit is ook zo vastgelegd in de Algemene wet bestuursrecht (artikel 4:1). Daarnaast is de bijstand is het laatste vangnet; de eigen verantwoordelijkheid van de burger staat centraal. Daarbij past dat de belanghebbende zelf gemotiveerd kenbaar maakt waarom hij vindt dat hij recht heeft op bijstand. Tot slot is schriftelijke vastlegging noodzakelijk om later te kunnen constateren dat iemand wellicht onjuiste of onvolledige informatie heeft verstrekt. Aan de toekenning van bijstand zitten rechten en plichten vast. Overtredingen leiden tot maatregel of boete. Een boete wegens schending van de inlichtingenplicht zal waarschijnlijk geen standhouden als de betrokkene niet zelf bijstand heeft aangevraagd, maar deze heeft gekregen zonder aanvraag.

Wat kan er wél?

Ik denk aan een aantal oplossingen. Stuur de doelgroep bijvoorbeeld aanvraagformulieren die alvast zoveel mogelijk zijn ingevuld. Het is ook mogelijk om periodieke bijzondere bijstand voor een langere periode toe te kennen. Denkbaar is dat voor sommige kostenposten en in sommige omstandigheden de bijzondere bijstand voor langere tijd wordt toegekend dan een jaar. Denk aan iemand die gepensioneerd is en bijzondere bijstand vraagt voor kosten bewindvoering. De draagkracht zal dan niet meer veranderen omdat zijn inkomen gelijk blijft en in zijn algemeenheid is te zeggen dat de gemeente geen invloed heeft op de duur van bewindvoering. Dan zou je ervoor kunnen kiezen om voor langere tijd die bijzondere bijstand toe te kennen.

Een andere variant is toekenning voor langere tijd, maar dan wel om de twaalf maanden de draagkracht bezien. Verder kan de gemeente een toekenning die aanvankelijk gold voor twaalf maanden, verlengen. Dan is strikt genomen geen nieuwe aanvraag nodig en vermijd je het vraagstuk van de ambtshalve aanvraag.

Wilt u meer kennis en inzicht over de Participatiewet? Raadpleeg Inzicht sociaal domein.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina