Wat is cliëntenparticipatie?

De definitie van cliëntenparticipatie is: het betrekken van cliënten of hun vertegenwoordigers bij het beleidsproces van de gemeente. Een groep cliënten en/of vertegenwoordigers behartigt de gemeenschappelijke belangen. Cliëntenparticipatie in het sociaal domein draait om de beïnvloeding van het beleid en de uitvoering vanuit zowel het perspectief als de ervaringsdeskundigheid van de cliënt. Beleid wordt te vaak nog voor hen, in plaats van met hen bepaald. Beleid wordt beter door inspraak en tegenspraak vanuit de groep die het beleid betreft.

Hoe is cliëntenparticipatie geregeld in de wet?

Zowel in de Participatiewet (art. 47) als in de Wmo 2015 (art. 2.1.3) staat een artikel over cliëntenparticipatie.

Hierin staat vermeld dat de gemeente in een verordening de wijze vastlegt waarop deze personen of hun vertegenwoordigers:

  1. vroegtijdig in staat worden gesteld gevraagd en ongevraagd advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen;
  2. worden voorzien van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen;
  3. deel kunnen nemen aan periodiek overleg;
  4. onderwerpen voor de agenda van dit overleg kunnen aanmelden;
  5. worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie.

Hiermee wordt in de wet geborgd dat cliënten of hun vertegenwoordigers participeren in de vorming van het beleid met betrekking tot Participatiewet (PW) en Wmo 2015.

In de Jeugdwet is in artikel 4.2.5 vastgelegd dat elke jeugdhulpaanbieder en gecertificeerde instelling een cliëntenraad moet instellen.

Hoe kan de gemeente cliëntenparticipatie vormgeven?

De omschrijving van cliëntenparticipatie in de Participatiewet, de Wmo 2015 en de Jeugdwet biedt de gemeente voldoende ruimte om hieraan een eigen invulling te geven. Er zijn daarom verschillende manieren om cliëntenparticipatie te regelen. De vorm die het meest voorkomt is die van een permanente cliëntenraad (vaak adviesraad genoemd), een vaste groep mensen die gevraagd en ongevraagd advies geven.

Van oudsher hadden gemeenten een adviesraad voor de bijstand (WWB/Participatiewet) en voor de Wmo. In steeds meer gemeenten heeft men de adviesraden Wmo en Participatiewet omgevormd tot een brede adviesraad sociaal domein of een burgerraad.

Wat zijn de verschillen?

  • In een brede adviesraad (soms ook participatieraad genoemd) zitten cliënten of vertegenwoordigers uit de verschillende sociale domeinen Participatiewet, Wmo 2015 en/of Jeugd. Zo kan een integraal advies worden gegeven.
  • In een burgerraad of burgerpanel zitten burgers. Dit zijn inwoners van de gemeente die niet per definitie afhankelijk zijn van de gemeente voor hun inkomen, werk of zorg. Dit zijn meestal ook geen vertegenwoordigers van mensen met een bijstandsuitkering of Wmo-voorziening.

Kan een brede adviesraad of burgerraad een cliëntenraad PW of Wmo vervangen?

Dat kan, maar om aan de wettelijke eis van cliëntenparticipatie te voldoen moet de brede adviesraad of de burgerraad wel aan een aantal voorwaarden voldoen:

  • De gemeente moet een verordening hebben die gebaseerd is op artikel 47 van de Participatiewet en artikel 2.1.3 van de Wmo 2015.
  • De adviesraad of burgerraad moet dus op grond van artikel 47 PW en artikel 2.1.3 Wmo 2015 mede bestaan uit mensen met een bijstandsuitkering, mensen met een Wmo-voorziening of hun vertegenwoordigers.
  • De gemeente moet alle verordeningen en beleidsvoorstellen op grond van de wetten vroegtijdig naar de advies- of burgerraad sturen voor advies.

Voor wie is cliëntenparticipatie van belang?

1. Voor cliënten

Cliëntenparticipatie is van belang voor de doelgroepen zelf. Dit zijn binnen het sociaal domein:

  • Bijstandsgerechtigden (PW), ook die met een arbeidsbeperking
  • Mensen met een beperking en een Wmo-voorziening
  • Mensen in de sociale werkvoorziening (WSW)
  • Jeugdigen die onder de jeugdzorg vallen

2. Voor de gemeente

Maar minstens zo belangrijk is cliëntenparticipatie voor de gemeente zelf! Een adviesraad adviseert de gemeente vanuit het cliëntenperspectief en met ervaringskennis over het beleid en de uitvoering ervan. De adviesraad signaleert (mogelijke) knelpunten of negatieve effecten van het beleid. Juist hierdoor krijgt de gemeente inzicht in hoe het (voorgestelde) beleid in de praktijk tot uitvoering komt. Met dit inzicht kan de gemeente haar beleid beter afstemmen op de doelgroepen. De inbreng van de adviesraad zorgt hiermee voor een goede dienstverlening aan de burger.

  • Het is een kerntaak van de gemeente om te zorgen dat de inwoners zo veel mogelijk zelfstandig kunnen functioneren. Alleen als dat niet lukt, ook niet met hulp van het netwerk, dan moet de gemeente bijspringen. De adviesraad kan aangeven hoe het gemeentelijk beleid kan bijdragen tot die zelfstandigheid en wat hierbij positieve en negatieve effecten heeft op cliënten.
  • Een goede adviesraad heeft contact met de achterban en zorgt ervoor dat de belangen van deze achterban worden behartigd in het proces van beleidsvorming. De raad moet toezien op een juiste uitvoering van het beleid. Waar worden cliënten mee geconfronteerd? Hoe werkt het beleid in de praktijk uit? Worden mensen op tijd en voldoende geïnformeerd over nieuwe regelingen? Bereikt de gemeente met een nieuwe regeling de juiste mensen? Allemaal vragen die een adviesraad met signalen uit de achterban moet kunnen beantwoorden.

Wat zijn de randvoorwaarden voor een goede cliëntenparticipatie?

De inbreng van de adviesraad leidt tot beleid dat beter op de cliënt is afgestemd en meer draagvlak onder de burgers heeft. Om die inbreng zo optimaal mogelijk te benutten, moet de gemeente wel investeren in de adviesraad. Want voor een zinvolle inbreng is het van belang dat de adviesraad goed functioneert, en hiervoor gelden enkele randvoorwaarden:

  1. Geef de cliëntenraad op tijd voldoende informatie en ga met de cliëntenraad in gesprek voordat het beleid al in kannen en kruiken is. Geef mondelinge toelichting op keuzes die gemaakt worden en geef de achtergronden van het waarom.
  2. Zorg voor professionele ondersteuning van de adviesraad door een (ambtelijk) secretaris of opbouwwerker, die de raad continuïteit kan geven. Een goede adviesraad verzet veel werk, dat niet allemaal door vrijwilligers gedaan kan worden.
  3. Geef de cliëntenraad voldoende budget om te kunnen vergaderen en bijeenkomsten te organiseren. En geef de leden een vrijwilligersvergoeding.
  4. Investeer in deskundigheidsbevordering van de adviesraad. Weten hoe wetgeving, beleidsvorming en beleidsthema’s in elkaar steken is voor de adviesraad noodzakelijk om een zinvol advies te kunnen geven. Zorg daarom dat er voldoende budget is voor trainingen, workshops, een abonnement Cliëntenparticipatie en deskundige (sprekers) over deelthema’s van het beleid. Alleen de informatie vanuit de gemeente is niet voldoende, er is meer dan één visie.

Wat zijn de succesfactoren voor een adviesraad?

Enkele factoren kunnen voor een adviesraad essentieel zijn om goed te functioneren, te signaleren en een nuttige partner voor de gemeente te zijn bij de ontwikkeling van nieuw beleid. Deze succesfactoren zijn:

  • een evenwichtige samenstelling van cliënten en vertegenwoordigers die representatief zijn voor de doelgroep, (ervarings)deskundigheid bezitten en vaardig zijn;
  • onder leiding staan van een onafhankelijk voorzitter met ervaring en voldoende tijd voor de cliëntenraad. Onafhankelijk, omdat er dan geen directe belangen in het spel zijn;
  • frequent contact met de achterban. Niet alleen eigen ervaringen van de leden worden ingebracht, ook die van de achterban. De adviesraad moet daarvoor zichtbaar en vindbaar zijn voor cliënten, en zelf regelmatig contact met hen zoeken. Dit laatste kan bijvoorbeeld door themabijeenkomsten te organiseren of een (telefonisch) spreekuur te houden;
  • tijdig in de beleidsketen worden betrokken bij beleidsvorming; zo vroeg mogelijk in het proces meepraten (beginspraak).

Hoe kan de gemeente dichter bij cliënten komen?

Wees nieuwsgierig naar de leefwereld van cliënten. Organiseer samen met de adviesraad gesprekken met cliënten over actuele onderwerpen, bijvoorbeeld in de vorm van een cliëntenpanel of een themabijeenkomst. Neem de tijd om te luisteren naar wat cliënten vertellen, over wat zij meemaken en over hoe hun leefwereld in elkaar zit. Durf eens in de schoenen van een cliënt te gaan staan en bedenk wat jij van de gemeente zou willen of zou verwachten. En vergelijk dit eens met de systeemwereld van de gemeente. Waar gaat het mis?

Actueel: Cliëntenparticipatie in de arbeidsmarktregio

In 35 arbeidsmarktregio’s maken gemeenten, werkgevers, werknemersorganisaties en UWV onderling afspraken over de aanpak van werkloosheid en vormen samen een Regionaal Werkbedrijf. De grootste aandacht gaat de komende jaren uit naar het creëren van werk voor mensen met een arbeidsbeperking.

Er is geen aparte cliëntenraad nodig om cliënten te betrekken bij de afspraken die over en in het regionale Werkbedrijf worden gemaakt. Wel moet geregeld zijn dat zowel de gemeentelijke cliëntenraden als die van UWV samen hun ervaringsdeskundigheid inbrengen bij plannen en besluiten van het Werkbedrijf.

Informatie en ondersteuning vanuit Stimulansz

Stimulansz biedt een veelzijdig pakket aan diensten en producten voor een goede cliëntenparticipatie in uw gemeente. Het aanbod bestaat uit: