Plato als voorstander van de totalitaire staat

Plato heeft een heel duidelijk beeld van hoe een staat eruit moet zien. Hij verdeelt de staat naar analogie van het lichaam in een onderlijf, een borst en een hoofd. Het onderlijf bestaat uit de vakmensen, zoals boeren, winkeliers en timmerlieden. De borst bestaat uit wachters (het leger en de politie) van de staat. Daarboven komt het hoofd. Deze mensen vormen de regering. Is iemand eenmaal ingedeeld in een categorie, dan is het nooit meer mogelijk om te wisselen. Iedereen wordt ingedeeld op die plek waar hij van het meeste nut is voor de maatschappij. Heeft iemand geen nut meer, bijvoorbeeld door ziekte of gebrek? Dan hoort hij niet langer deel uit te maken van de maatschappij. Dit is natuurlijk een vreselijke benadering. Puur rationeel, zonder enig gevoel voor menselijke waardigheid. Mensen zijn in het beeld van Plato niet waardevol als mens, enkel als bijdrage aan de samenleving. Een behoorlijk eng idee! Het feit dat ons zorgstelsel zoveel geld kost klinkt ineens heel geruststellend. Er zijn zonder meer discussies mogelijk over de kwaliteit van de zorg, maar we zorgen wel voor iedereen.

Maar wel met gelijke kansen voor iedereen!

Die starre indeling in een groep zonder enige kans om te wisselen is nu ondenkbaar. Wie kent niet het voorbeeld van Jan Marijnissen, die zijn loopbaan begonnen is als lasser en later het boegbeeld werd van de SP? Waar naar het idee van Plato mensen goed waren in één ding en dat maximaal moesten oefenen en ontwikkelen, vinden we nu dat mensen zich als geheel mogen ontwikkelen. Dat is een hele verbetering, want mensen hebben zelf regie over hun leven.
Wat wel heel mooi is aan de visie van Plato, is dat iedereen écht gelijke kansen heeft. Weliswaar ligt al op jonge leeftijd vast of je wordt ingedeeld bij de vakmensen, de wachters of de regering, maar dat is uitsluitend afhankelijk van je kennis, kunde en vaardigheden. Afkomst, geslacht, status of geld doen zijn niet van belang. Plato kijkt uitsluitend naar wat mensen kunnen en leidt ze daarvoor op. Dat is nu wel anders. De verschillen in onderwijskansen nemen alleen maar toe. Achtergrond doet ertoe bij de kans op een diploma[1]. Op dat vlak zou ik graag aansluiten bij Plato!

En met preventie als uitgangspunt

Naast zijn ideeën over gelijkheid kunnen we wat van Plato leren als het aankomt op preventie. Een goede opvoeding werkt iemands hele leven positief door, zo stelt hij. In de ogen van Plato kunnen we dus nooit voldoende investeren in de jeugd. Hoe beter we dat doen, hoe beter ze later hun plek in de samenleving kunnen vinden. Dit werkt hij uit door echt na te denken over wat belangrijk is in de opvoeding van kinderen. Nu wil hij alle kinderen door de staat laten opvoeden, omdat dit in zijn ogen té belangrijk is om aan individuen over te laten. Vanuit menselijk oogpunt is dat natuurlijk geen optie. Maar dat opvoeding heel belangrijk is en dat de samenleving daar goed in moet investeren, lijkt me wel heel waardevol. Dat betekent dat we écht moeten nadenken over wat het betekent voor kinderen om in armoede op te groeien. Wat doet dat met hun verdere leven?[2] Het betekent dat we fors moeten investeren in het onderwijs om echt uit kinderen te halen wat er in zit.

Wat kunnen we van hem overnemen?

Het zou natuurlijk fantastisch zijn als wij meer leren kijken naar iemands kwaliteiten en minder naar iemands sekse, afkomst en status. En het zou ook fantastisch zijn als we echt investeren in onze kinderen, om al in dat stadium een goede basis te leggen voor als ze volwassen zijn. Dat kost, zeker in het begin, heel veel geld. Maar ik ben ervan overtuigd dat het ons ook veel oplevert. En niet alleen in geld, maar ook in zelfredzaamheid en misschien zelfs in geluk.

[1] De staat van het onderwijs http://www.destaatvanhetonderwijs2018.nl/

[2] Hersenontwikkeling bij kinderen in armoede https://www.stimulansz.nl/hersenontwikkeling-bij-kinderen-in-armoede/

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina