Aan de slag met het nieuwe casusboekje Inburgering

Nog even en dan wordt de nieuwe Wet inburgering op 1 januari 2022 van kracht. Ga nu vast aan de slag met ons nieuwe casusboekje Inburgering.

In het casusboekje Inburgering zetten we u aan het denken over hoe u met deze nieuwe taken kunt omgaan. En we laten u zien dat er met De Omgekeerde Toets binnen de regels van de wet voldoende mogelijkheden zijn om mensen een toekomstperspectief te bieden.

Integraal werken

Met De Omgekeerde Toets introduceert Stimulansz een heel andere manier van kijken. Een manier die eigenlijk zo vanzelfsprekend is dat u, als u het principe eenmaal doorhebt, denkt: logisch, zo moet het! Zo is de wet bedoeld! Ook geeft De Omgekeerde Toets een nieuwe betekenis aan het begrip integraal werken. Door gebruik te maken van De Omgekeerde Toets ziet u namelijk de mogelijkheden van de Wet inburgering 2021 voor uw gemeente, ook in combinatie met andere domeinen in het sociaal domein. Het belangrijkste doel voor ogen is hierbij: de inburgeraar zo goed mogelijk begeleiden en ondersteunen.

5 casussen

In het casusboekje leggen we eerst uit hoe De Omgekeerde Toets werkt en daarna passen we het principe toe op 5 casussen waarbij inburgering centraal staat. Deze casussen zijn representatief voor de uitdagingen waar inburgeraars en consulenten inburgering in het sociaal domein zoal mee te maken krijgen. Bij elke casus doen we u een oplossing à la De Omgekeerde Toets aan de hand.  

Zelf aan de slag met het casusboekje Inburgering

Het nieuwe casusboekje Inburgering is een doe-het-zelf-boek voor alle professionals in het sociaal domein. Als u alle verhalen en de bijbehorende oplossingen heeft gelezen, kunt u direct zelf aan de slag met het toepassen van het principe van De Omgekeerde Toets. Waar nodig met een beetje hulp van ons.

Pagina delen op socials

Meer weten over dit onderwerp?

Redactie helpt je graag verder.

Nieuwsbrief Sociaal Domein

Binnen 5 minuten op de hoogte van de actuele ontwikkelingen in het sociaal domein? Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief. Met onder andere blogs van experts, interessante whitepapers en toelichting op wet- en regelgeving.

Anderen bekeken ook

Participatiewet in Balans? Dan moeten we écht omgekeerd gaan werken

De Arbeidsinspectie benoemde onlangs een kwetsbaar punt in de uitvoering van de Participatiewet. Gemeenten krijgen meer ruimte om maatwerk te leveren aan inwoners die een beroep doen op de bijstand. Een goede ontwikkeling, want menselijke maat, vertrouwen en eenvoud zijn de kern van de Participatiewet in Balans. Maar diezelfde ruimte leidt volgens de inspectie ook tot een risico: ongelijke behandeling. De ene consulent benut de ruimte volop, de andere werkt liever volgens standaardregels. Het gevolg? Er zitten verschillen tussen gemeenten en tussen consulenten binnen één gemeente.

Gedragsverandering op de werkvloer

In aanloop naar de Participatiewet in Balans is één van de meest gestelde vragen: hoe krijgen we de uitgangspunten vertrouwen, eenvoud en menselijke maat nu van papier naar werkelijkheid? Uitdenken wat je wilt is niet zo moeilijk. Het realiseren is veel lastiger. Aan die vraag zitten heel veel aspecten en er zijn veel verschillende interventies denkbaar om medewerkers te helpen om de uitgangspunten in de dienstverlening terug te laten komen. Eén van de instrumenten is het gedragsveranderingswiel of behaviour change wheel (BCW). Wat is dat en wat kun je daar mee in de praktijk?

Gaat de Wmo ook op vakantie?

De Wmo 2015 heeft als doel inwoners te ondersteunen bij hun zelfredzaamheid en participatie, zodat zij zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. Onder participatie wordt verstaan: deelnemen aan het maatschappelijk verkeer, inclusief sociale activiteiten, recreatie en vrijetijdsbesteding – en daarvoor moet iemand zich ook kunnen verplaatsen. Dit volgt niet alleen uit de Wmo zelf [1], maar ook uit de Memorie van toelichting op de Wmo en het VN-verdrag handicap [2]. Tegelijkertijd bepaalt de Wmo dat ondersteuning zoveel mogelijk in de eigen leefomgeving moet plaatsvinden. Volgt hier nu uit dat de gemeente Wmo-voorzieningen moet bieden om vakanties mogelijk te maken, of hoeft dat niet?