Moet ook in de Jeugdwet het tarief sociaal netwerk betaald worden volgens de cao VVT?

Het kon niet uitblijven; een uitspraak waarin een rechtbank van mening is dat de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep CRvB over het tarief sociaal netwerk in de Wmo 2015 ook geldt voor de Jeugdwet.

Het is de rechtbank Limburg die op 30 november 2023 met een dergelijke uitspraak is gekomen. In deze uitspraak (ECLI:NL:RBLIM:2023:6979) in een zaak in de gemeente Venlo, gaat het om een moeder die een persoonsgebonden budget van 21 uur per week voor begeleiding van haar zoon krijgt toegekend tegen een tarief van € 20,00 per uur. Zij maakt bezwaar: zij vindt dat dit bedrag geïndexeerd had moeten worden overeenkomstig de indexatie van het tarief voor informele zorg van de Wet langdurige zorg. De rechtbank is het daar niet mee eens, maar confronteert ambtshalve de gemeente met de uitspraak van de CRvB (ECLI:NL:CRVB:2023:1580). Hierin stelt de CRvB dat het tarief sociaal netwerk in de Wmo 2015 gebaseerd moet zijn op de cao Verzorging, Verpleging en Thuiszorg (VVT).

De rechtbank vraagt of de gemeente van mening is dat dit ook voor de Jeugdwet geldt. De gemeente ontkent dit, onderbouwd. De rechtbank veegt deze onderbouwing van tafel, zonder echt aan te geven waarom. En dan is de conclusie: ook in de Jeugdwet moet de cao VVT worden gehanteerd.

Merkwaardige punten

De uitspraak van de rechtbank Limburg bevat 3 merkwaardige punten:

1.      De geringe onderbouwing van de rechtbank. De rechtbank zegt niet te delen wat de gemeente aanvoert. Toch zitten in het betoog van de gemeente enkele sterke punten. Wat dat betreft zou de gemeente hoger beroep kunnen overwegen.

2.      Het feit dat de cao VVT wordt gehanteerd. In de Jeugdwet wordt niet met deze cao gewerkt, maar met de cao Jeugdzorg. Introductie van deze cao is dus vreemd.

3.      De uitspraak van de rechtbank: “Dat als gevolg van de uitspraak van de CRvB volgens het college personen uit het sociale netwerk een hogere vergoeding krijgen dan veel professionals die in een lagere periodiek van deze salarisschaal zijn ingeschaald, is een (financieel) gevolg dat naar de rechtbank aanneemt door de CRvB in aanmerking is genomen.” Dat stelt de rechtbank heel eenvoudig, maar het zou beter zijn als de CRvB dat zou constateren. Want het is niet logisch dat een professional lager betaald wordt dan een niet professionele ouder, die al aangetoond heeft hulp nodig te hebben bij de opvoeding.

Of de gemeente in hoger beroep gaat is op dit moment nog niet bekend.

Een uitgebreide bespreking van deze uitspraak is te lezen in onze kennisbank Inzicht Sociaal Domein.

Module Jeugd

In de module Jeugd van onze kennisbank Inzicht Sociaal Domein vindt u een heldere uitleg over de toepassing van de Jeugdwet; Inzicht in de raakvlakken met andere wet- en regelgeving, zoals de Wet passend onderwijs, de Wlz en de Zorgverzekeringswet; en jurisprudentie.

Pagina delen op socials

Meer weten over dit onderwerp?

Wim Peters helpt je graag verder.

Nieuwsbrief Sociaal Domein

Binnen 5 minuten op de hoogte van de actuele ontwikkelingen in het sociaal domein? Meld u aan voor onze gratis nieuwsbrief. Met onder andere blogs van experts, interessante whitepapers en toelichting op wet- en regelgeving.

Anderen bekeken ook

Bereken Je Recht officieel gelanceerd: gemeente Krimpen aan den IJssel bijt het spits af!

Gemeente Krimpen aan den IJssel is als eerste gemeente live gegaan met Bereken Je Recht. Deze tool is de geheel vernieuwde opvolger van BerekenUwRecht. Even nauwkeurig en betrouwbaar, maar met vele extra mogelijkheden in een geheel nieuw en uitnodigend design. Met Bereken Je Recht krijgen inwoners eenvoudig inzicht in alle financiële regelingen waarvoor zij mogelijk in aanmerking komen en kunnen ze die direct aanvragen.

‘Integraal samenwerken? Met de Omgekeerde Toets® bereik je meer’

Kies je als consulent voor een integrale aanpak? Met de Omgekeerde Toets® bepaal je samen met de inwoner en jou collega’s van andere domeinen het gewenste effect.

Bijstand en naar het buitenland

Een klant is dit kalenderjaar nog niet naar het buitenland geweest. Hij geeft aan per 22 mei naar het buitenland te gaan en verzoekt om de uitkering per 19 juni te beëindigen. Kan dat? De klant stelt het recht te hebben om 4 weken met behoud van uitkering in het buitenland te verblijven.