Wat gebeurt er als onze gemeente het voorgeschreven aantal beschutte werkplekken niet haalt?

De Wsw kende een taakstelling. Als een gemeente daaraan niet voldeed, moest zij geld terugbetalen. Het aantal beschutte werkplekken dat het Rijk tot en met 2019 wil realiseren, is daarentegen een doelstelling. Bij beschut werk zijn er dus (vooralsnog) geen gevolgen voor gemeenten die onvoldoende plekken creëren. De vraag is wel of dit zo blijft als de aantallen in de toekomst structureel achterblijven bij de doelstelling.

Het Rijk heeft het macrobudget voor 2018 gebaseerd op 6.500 beschutte werkplekken, voor 2019 zelfs op 7.200 plekken. Terwijl gemeenten dit jaar maar 4.600 plekken hoeven te realiseren en volgend jaar 6.000. Zij krijgen dus voor meer plekken geld dan dat ze hoeven te realiseren. Per beschutte werkplek krijgt een gemeente 8500 euro van het Rijk als vergoeding voor de begeleiding. Deze vergoeding is toegevoegd aan de participatiemiddelen van de gemeente (naar verwachting zal dit bedrag in de toekomst dalen naar 7.200 euro per plek).

Als jouw gemeente de aantallen niet haalt, is het belangrijk om na te gaan waarom dit zo is. Gemeenten moeten in ieder geval beschutte werkplekken creëren voor inwoners die een positief advies hebben ontvangen van het UWV. Als het aantal positieve adviezen hoger is dan het aantal plekken van de doelstelling, mag de gemeente wel meer plekken realiseren, maar dan moet zij de begeleiding uit eigen zak betalen.

Hoe kunnen wij zien of we wel geld ontvangen voor de verstrekte loonkostensubsidies?

De loonkostensubsidies betalen gemeenten vanuit de BUIG-middelen. Bij de vaststelling van het macrobudget kijkt het Rijk onder andere naar de uitgaven van gemeenten aan uitkeringen en loonkostensubsidies. Vervolgens wordt, afhankelijk van de gemeentegrootte, het budget op historische of objectieve wijze (of naar rato) verdeeld. Gemeenten kunnen dus niet direct een verband terugzien tussen hun eigen uitgaven aan loonkostensubsidies en het budget.

Per gerealiseerde beschutte werkplek krijgt een gemeente een bonus. Geldt dit alleen voor dienstverbanden van ten minste 31 uur?

Nee. Als sprake is van ten minste één verloond uur, dan heeft de gemeente een beschutte werkplek gerealiseerd en kent het Rijk de bonus toe. Per jaar kan één bonus voor één persoon (BSN-nummer) worden uitgekeerd. De bonus bedraagt maximaal 3.000 euro per plek. Na 2020 vervalt het bonussysteem. Dan zullen de gemeentelijke kosten dus stijgen.

Meer weten? Neem contact op met Frans Kuiper.

 

Dit artikel heeft ook in de Sprank* gestaan van november 2018.

Geselecteerd op basis van dit onderwerp

Deel deze pagina