Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Ut elit tellus, luctus nec ullamcorper mattis, pulvinar dapibus leo.

Prinsjesdag: Plannen sociaal domein in 2026

Traditiegetrouw maakt Stimulansz ieder jaar een samenvatting van de Rijksbegroting met de belangrijkste plannen voor het sociaal domein. In de Rijksbegroting 2026 ligt de nadruk op eenvoudigere regelingen, meer menselijke maat en betere samenwerking, met gemeenten in een centrale rol.
Minister loopt naar het Binnenhof

In het kort

Wat betekenen de plannen uit Prinsjesdag voor jouw werk in het sociaal domein? In dit artikel zetten we de belangrijkste ontwikkelingen voor 2026 op een rij. Je krijgt een helder overzicht van de Rijksbegroting, met aandacht voor thema’s als bestaanszekerheid, de Participatiewet in balans, jeugdzorg, inburgering en de Wmo. Zo weet je waar je als gemeente en professional de komende tijd rekening mee moet houden.

Troonrede

“Mensen willen een inkomen waarmee ze het einde van de maand halen, een veilige en vertrouwde woonomgeving en een huis voor zichzelf en hun kinderen. Iedereen wil kunnen rekenen op goede en toegankelijke zorg en op een sociaal vangnet als het leven even tegenzit.”

 

Met deze woorden uit de Troonrede benadrukte Koning Willem-Alexander de kern van het sociaal beleid. Het zijn ook de thema’s die centraal staan in de deelbegrotingen van de ministeries die voor het sociaal domein het meest relevant zijn: Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).

Enkele maatregelen springen eruit:

  • voortzetting van het Nationaal Programma Armoede en Schulden, met meer nadruk op vroegsignalering;
  • € 728 miljoen extra voor gemeenten om tekorten in de jeugdzorg te compenseren;
  • Participatiewet in balans wordt van kracht;
  • uitbreiding van IPS-trajecten voor mensen met psychische problemen;
  • invoering van een verplichte basisverzekering tegen arbeidsongeschiktheid voor zzp’ers;
  • een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo per 2027;
  • uitvoering van het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA), met investeringen in preventie en samenwerking tussen sociaal en medisch domein.

Belangrijk om te benadrukken

Stimulansz heeft in deze samenvatting niet gekeken naar de gevolgen voor de uitvoering door gemeenten. Dat kan pas zodra de wet- en regelgeving door de Eerste en Tweede Kamer is goedgekeurd.

Pagina delen op socials

Meer weten over dit onderwerp?

Fawzi Salih helpt je graag verder.

Nieuwsbrief Sociaal Domein

Binnen 5 minuten op de hoogte van de actuele ontwikkelingen in het sociaal domein? Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief. Met onder andere blogs van experts, interessante whitepapers en toelichting op wet- en regelgeving.

Anderen bekeken ook

Participatiewet in balans? Dan moeten we écht omgekeerd gaan werken

De Arbeidsinspectie benoemde onlangs een kwetsbaar punt in de uitvoering van de Participatiewet. Gemeenten krijgen meer ruimte om maatwerk te leveren aan inwoners die een beroep doen op de bijstand. Een goede ontwikkeling, want menselijke maat, vertrouwen en eenvoud zijn de kern van de Participatiewet in balans. Maar diezelfde ruimte leidt volgens de inspectie ook tot een risico: ongelijke behandeling. De ene consulent benut de ruimte volop, de andere werkt liever volgens standaardregels. Het gevolg? Er zitten verschillen tussen gemeenten en tussen consulenten binnen één gemeente.

Gedragsverandering op de werkvloer

In aanloop naar de Participatiewet in Balans is één van de meest gestelde vragen: hoe krijgen we de uitgangspunten vertrouwen, eenvoud en menselijke maat nu van papier naar werkelijkheid? Uitdenken wat je wilt is niet zo moeilijk. Het realiseren is veel lastiger. Aan die vraag zitten heel veel aspecten en er zijn veel verschillende interventies denkbaar om medewerkers te helpen om de uitgangspunten in de dienstverlening terug te laten komen. Eén van de instrumenten is het gedragsveranderingswiel of behaviour change wheel (BCW). Wat is dat en wat kun je daar mee in de praktijk?

Gaat de Wmo ook op vakantie?

De Wmo 2015 heeft als doel inwoners te ondersteunen bij hun zelfredzaamheid en participatie, zodat zij zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. Onder participatie wordt verstaan: deelnemen aan het maatschappelijk verkeer, inclusief sociale activiteiten, recreatie en vrijetijdsbesteding – en daarvoor moet iemand zich ook kunnen verplaatsen. Dit volgt niet alleen uit de Wmo zelf [1], maar ook uit de Memorie van toelichting op de Wmo en het VN-verdrag handicap [2]. Tegelijkertijd bepaalt de Wmo dat ondersteuning zoveel mogelijk in de eigen leefomgeving moet plaatsvinden. Volgt hier nu uit dat de gemeente Wmo-voorzieningen moet bieden om vakanties mogelijk te maken, of hoeft dat niet?